(Print: In totaal 60 pagina's printversie)

 

 TOENADERING

DOOR

uitwisselen van kennis over

BUITENLANDSE CULTUUR

(theorie en case-studie)

 

 
 

 
 

 

 

9 maart 2011

Gerard Vierhout

        

Universiteit van Tilburg

Faculteit der Sociale Wetenschappen

Sectie Vrijetijdwetenschappen

 

 

 

 
   

 

 

TOENADERING DOOR

uitwisselen van kennis over

BUITENLANDSE CULTUUR

 (Theorie en case-studie MundialReismarkt)

 

 

 

 

Voorbeeldstudie naar interactie

in de multiculturele samenleving

 

De vraag wordt beantwoord of buitenlanders, die in Nederland wonen, en Nederlandse vakantiegangers kennis over buitenlandse cultuur uitwisselen.

 

 

 

 

Afstudeerwerkstuk van Gerard Vierhout

anr: 517801

1993-1995: Theoretisch gedeelte in 1995 afgrond van de doorstroomstudie Vrijetijdwetenschappen (na NHTV diploma in 1992, Breda)

1995: aanvang scriptie en onderbreking

1997: doorstart scriptie met case-studie bij Festival Mundial in Tilburg

1998: scriptie voldeed niet aan de eisen voor een afstudeerwerkstuk

Vrijetijdwetenschappen

30 november 2009: versie 2009

9 maart 2011: versie 2011

 

 

Universiteit van Tilburg

Faculteit der Sociale Wetenschappen

Sectie Vrijetijdwetenschappen

 

 

Beeld titelpagina:

De twee panfluiten symboliseren de tweedeling in de samenleving. De fluitjes worden gevormd volgens traditie.

  Rode draad in dit onderzoek is de vraag of de gemeenschappelijke interesse voor buitenlandse cultuur leidt tot toenadering tussen groepen. Dit is zonder meer voorstelbaar, want door wat van elkaar te leren kan klasse aan de melodie worden toevoegd en ontstaat misschien een opgewekter beeld van de samenleving.

 

 

 

 

 


 

 

 

Toenadering door uitwisselen van kennis over buitenlandse cultuur

 

 

Dit onderzoek volgt Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen in hun omgang met buitenlandse cultuur. De ambitie is te laten zien dat beide groepen toenadering tot elkaar vinden, omdat ze kennis en kunde over deze gezamenlijke interesse uitwisselen.

 

In 1998 kon de scriptie niet worden verdedigd aan de sectie Vrijetijdwetenschappen van de Faculteit der Sociale Wetenschappen aan de Katholieke Universiteit Brabant, sinds 2002 de Universiteit van Tilburg. De reden om deze versie 2011 te presenteren is dat in de tussentijd veel aan het werk teruggedacht is, wanneer gesproken werd over problemen die in verband worden gebracht met de multiculturele samenleving. Stukken literatuur kwamen dan voorbij, flarden uit gesprekken met respondenten uit het praktijkgedeelte, de conclusies, de opzet van de MundialReismarkt. Altijd overheerste het gevoel dat inzicht voortkomend uit het onderzoek kan helpen bij het benaderen van onderwerpen, waarbij de relatie tussen cultuurverschillen en het samen leven van mensen met een verschillende culturele achtergrond besproken wordt.

 

Het deed mij bijzonder goed dat de deelnemers aan de MundialReismarkt informatief aan de case-studie meewerkten. Daarnaast ben ik dank verschuldigd aan de studie Vrijetijdwetenschappen. De inspiratie voor dit onderzoek is dan ook ontstaan tijdens het volgen van het moduul 'reizen in de moderniteit'. Ten slotte een speciaal woord van dank aan Festival Mundial, waar de mogelijkheid is geboden om de MundialReismarkt te organiseren, zodat in contact kon worden gekomen met cultuur- en vakantieexperts die zowel zicht hebben op het beleven van cultuur tijdens de vakantie, als op het (her-)ontwikkelen van buitenlandse cultuurelementen in Nederland.

 

Gerard Vierhout

9 maart 2011

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

I


 

 

 TOENADERING DOOR

uitwisselen van kennis over

BUITENLANDSE CULTUUR

 (Theorie en case-studie)

 

Voorwoord

               

Hoofdstuk 1: Inleiding

 

1.1           De probleemstelling

1.2           Festival Mundial en de MundialReismarkt

1.2.1        Voorbereiding MundialReismarkt

1.2 2        De slotmanifestatie van Festival Mundial op zondag 15 juni 1997

1.2.3        Evaluatie van de MundialReismarkt

1.3           Onderzoek en werkwijze

1.3.1        De literatuurstudie

1.3.2        Het kwalitatieve onderzoeksgedeelte

1.3.2.1     De respondenten: cultuur en vakantie-experts

1.3.2.2     Enquête of Enquête-interviews

1.3.2.3     Het opstellen van de vragenlijst

 

Hoofdstuk 2: Cultuur op vakantie en buitenlandse cultuur in Nederland (literatuurstudie)

 

2.1           Inleiding

2.2           Cultuur op vakantie in het buitenland

2.2.1        Het Tourist Attraction System

2.2.2        Bekwaamheid en betrokkenheid bij culturele activiteiten

2.2.3        De beleving van cultuur

2.3           Buitenlandse cultuur in Nederland

2.3.1        Het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen

2.4           De omgang met buitenlandse cultuur

 

Hoofdstuk 3: Evaluatie aannamen onderzoek (case-studie)

 

3.1           Inleiding: aannamen onderzoek

3.2           Inleiding evaluatie Festival Mundial en de MundialReismarkt

3.2.1        Evaluatie Festival Mundial en de MundialReismarkt (interviews)

3.2.2        Evaluatie Festival Mundial en de MundialReismarkt (enquête-interviews)

3.2.3        Conclusies evaluatie Festival Mundial en de MundialReismarkt                            

3.3           Inleiding hoedanigheid van de onderzoeker-interviewer en cultuur-en vakantieexperts

3.3.1        De culturele kennis van de vakantieganger en van de reiswereld (interviews)

3.3.2        De culturele kennis van de vakantieganger en de reiswereld (enquête-interviews)

3.3.3        Conclusies hoedanigheid van de onderzoeker-interviewer en cultuur-en vakantieexperts

3.4           Conclusies evaluatie aannamen onderzoek

 

Hoofdstuk 4: De culturele help-desk functie (case-studie)

                                                                                                                                            

4.1           Inleiding

4.2.1        Door Festival Mundial krijgen mensen zin om te reizen en andere culturen, te leren kennen,

                omdat...(interviews)

4.2.2        Door Festival Mundial krijgen mensen zin om te reizen en andere culturen, te leren kennen,

                omdat...(enquête-interviews)

4.3.1        De link tussen de ontdekkingstocht op Festival  Mundial en de vragen naar bestemmingen

                en activiteiten op de MundialReismarkt 1997...(interviews)

4.3.2        De link tussen de ontdekkingstocht op Festival  Mundial en de vragen naar bestemmingen

                en  activiteiten op de MundialReismarkt 1997...(enquête-interviews)

4.4.1        Door Festival Mundial worden buitenlanders gestimuleerd om bepaalde cultuurelementen

                in Nederland te (her-)ontwikkelen, omdat... (interviews)

4.4.2        Door Festival Mundial worden buitenlanders gestimuleerd om bepaalde cultuurelementen

                in Nederland te (her-)ontwikkelen, omdat...(enquête-interviews)

4.5           Interactie door culturele help-desk functie MundialReismarkt

 

Hoofdstuk 5: Het uitwisselen van kennis over buitenlandse cultuur (case-studie)

 

5.1           Inleiding

5.2.1        Sociaal contact met buitenlanders voor de accumulatie van toeristisch kapi­taal (interviews)

5.2.2        Sociaal contact met buitenlanders voor de ac­cumulatie van toeristisch kapi­taal  (enquête-

                interviews)

5.3.1        Sociaal contact met Nederlanders voor de accumulatie van oriëntatieve kennis en kunde die

                nodig is om cultuurelementen in Nederland te (her-)ontwikkelen (interviews)

5.3.2        Sociaal contact met Nederlanders voor de accumulatie van oriëntatieve kennis en kunde die nodig is om cultuurelementen in Nederland te (her-)ontwikkelen (enquête-interviews)

5.4.1        Arbeid: via uitwisseling van culturele kennis met buitenlanders die in Nederland wonen (interviews)

5.4.2        Arbeid: via uitwisseling van culturele kennis met buitenlanders die in Nederland wonen

                (enquête-interviews)

5.5           Conclusies uitwisseling van kennis en kunde over buitenlandse cultuur

 

Hoofdstuk 6: Toenadering

 

 

Samenvatting

 

Summary (English version)

 

Nawoord: het vrije recht op toenadering

 I

 

1

 

3

5

6

7

7

7

8

8

9

10

10

 

12

 

12

12

13

14

16

18

19

20

 

22

 

22

22

23

24

25

26

26

29

29

31

 

33

 

33

33

 

34

 

34

 

35

 

36

 

37

 

37

 

40

 

40

40

42

 

42

 

43

 

43

 

44

 

44

 

47

 

 

II

 

III

 

IV

 

Literatuurlijst

Bijlage I: De wervende brief voor de MundialReismarkt

Bijlage II: Sfeerverslag uit de media over de slotmanifestatie van

                    Festival Mundial 1997 en de MundialReismarkt (zie paragraaf 1.2.2)

Bijlage III: Deelnemers MundialReismarkt 1997/medewerking aan enquête-interviews

Bijlage IV: De vragenlijst/ Enquête-interviews

 

 

 (pagina 5 van 60 pagina's print-totaal)

 

 
   

 

 

 

 

 
 
     

 

 

HOOFDSTUK 1: INLEIDING

 

 De doelstelling van Festival Mundial is, het publiek kennis laten nemen, beleven, waarderen en respecteren van andere culturen in relatie tot de eigen multiculturele samenleving, alsmede het verlenen van steun aan internationale samenwerking. De MundialReismarkt was één van de attracties tijdens 10 jaar Festival Mundial, waarbij op een speciaal reisplein vragen gesteld konden worden over andere culturen, zodat het kan worden gezien als instrument van het festival om mensen met een verschillende culturele achtergrond dichter bij elkaar te brengen.

 

‘Ideeën over allochtonen veroorzaken tweedeling' luidt een kop uit de Volkskrant[1a]. Het is geen verrassende kop, want er bestaan soms cultuurgerelateerde spanningen tussen groepen en dit wordt weergeven in het jaarlijkse trendrapport – waar dit artikel uit voortkomt – van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Wanneer gesproken wordt over culturen en een tweedeling in de samenleving dan is acculturatie[1] een belangrijk begrip dat ingaat op verschijnselen die zich voordoen wanneer verschillende groepen met verschillende culturele achtergronden in direct contact met elkaar komen. Het gevolg hiervan is een verandering in de cultuur van één van beide groepen of de culturen van beide groepen (Herskovits e.a. 1936). De resultaten van het proces van acculturatie kunnen verschillen:

* Acceptatie: de cultuur van de andere groep wordt overgenomen.

* Adaptie: cultuurelementen uit beide culturen vormen een nieuw geheel.

* Reactie: een culturele groep verzet zich tegen het overnemen van vreemde cultuurelementen.

 

De meest bondige en bekende formulering, die ingaat op de wijze waarop het proces van acculturatie kan leiden tot acceptatie, adaptie dan wel tot reactie is de contacthypothese. Deze dateert uit 1951 en is van de socioloog Homans[2]: “Wanneer de frequentie van interactie tussen twee personen toeneemt, zal ook de mate waarin ze elkaar aardig vinden toenemen en omgekeerd”.

                Critici, zowel van binnen als buiten deze traditie, komen met de vraag hoe het komt dat omgang met elkaar soms wel en soms niet tot positieve waardering tussen de betrokken partijen leidt?

Het antwoord op deze vraag is dat contact niet het positieve effect zal hebben als het oppervlakkig is en volgens vast omschreven patronen verloopt[3]. Alleen contact dat vertrouwelijk is en open communicatie toelaat zal in staat zijn negatieve en stereotype beeldvorming te doorbreken. Mede daarom verdienen de omstandigheden waaronder sociaal contact plaatsvindt aandacht. Zeker wanneer beseft wordt dat toenadering het meest waarschijnlijk is indien beide partijen een gelijke status hebben: de ‘equal status hypothese’. Daarnaast leveren gemeenschappelijke belangen die de tegenstelling overtreffen (‘superordinate goals’) ook een bijdrage. De derde factor die de relaties in positieve zin kan beïnvloeden wordt wel aangeduid met de term ‘institutionele ondersteuning’. Het gaat hierbij om de positieve ondersteuning door wetgeving of door personen en instellingen in de omgeving van de betrokken partijen[4].

 

Festival Mundial kan worden gezien als een evenement, waarbij door institutionele ondersteuning een bijdrage wordt geleverd aan het respectvol met elkaar omgaan in de multiculturele samenleving. Hiertoe wordt door de organisatie gezorgd voor een gemeenschappelijk belang - een cultuurfeest - waarbij vertrouwelijk contact mogelijk is en waarbij de statusverschillen gering zijn.

 

Om aan de ambitie van dit afstudeerwerkstuk te kunnen beantwoorden, en te laten zien dat buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlanders wel degelijk een eenheid kunnen vormen, is na het lezen van de informatie over acculturatieprocessen de gedachte opgekomen, dat het ‘gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur’ een voorbeeld zou kunnen aanreiken om weerstand te bieden aan het idee van tweedeling in de samenleving. Immers binnen de twee groepen, hebben zowel Nederlandse vakantiegangers als buitenlanders die in Nederland wonen belangstelling voor buitenlandse cultuur. Een gemeenschappelijk belang dat tegenstellingen overtreft, waardoor verondersteld mag worden dat bij sociaal contact eerder positieve waardering voor elkaar ontstaat en beide groepen elkaar opzoeken om informatie uit te wisselen over buitenlandse cultuur.

 

De relatie tussen Festival Mundial en dit afstudeeronderzoek is, dat door het festival het praktijkgedeelte van het afstudeerwerkstuk kon worden verzorgd. De MundialReismarkt kan in dienst van dit onderzoek worden bestempeld als een laboratorium om aan de hand van de praktijk te kunnen waarnemen of buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers elkaar beïnvloeden in de omgang met buitenlandse cultuur en of zij kennis hierover uitwisselen. Wordt op het reisplein van Festival Mundial, kennis en kunde over buitenlandse cultuur uitgewisseld? Geeft dit aanleiding tot het herkennen van een trend, waardoor binnenkort een artikel in de krant verschijnt met als kop: ‘Nederlanders en allochtonen houden van elkaar en buitenlandse cultuur’.

 

In de scriptie wordt gesproken over buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers. Uit gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt, dat één op de tien Nederlanders wortels heeft in een ander land. De definitie spreekt over buitenlanders als tenminste een ouder van buitenlandse komaf is. In de vier grootste steden is één op de drie Nederlanders van allochtone afkomst en op lagere scholen is deze verhouding ongeveer in evenwicht[5].

                Uit gegevens van het Continue Vakantieonderzoek blijkt dat van alle Nederlanders 70 procent op vakantie gaat, waarvan de helft naar het buitenland.

 

Beide groepen worden in relatie tot elkaar gebracht via het gezamenlijk belang van buitenlandse cultuur. Onderzocht wordt of hierbij kennis over buitenlandse cultuur wordt uitgewisseld. Buitenlandse cultuur is niet een attractie voor ‘alle’ Nederlandse vakantiegangers of ‘alle’ buitenlanders die in Nederland wonen. Uit de brochure van de Vakantiebeurs 1997 valt bijvoorbeeld op te maken dat ruim 20 procent vooral om die reden naar het buitenland reist. Maar toch, buitenlanders in Nederland, vakantiegangers en buitenlandse cultuur, dit zijn begrippen die als een vanzelfsprekendheid combineren. Na literatuurstudie en het eerste deel van de case-studie – hoofdstuk drie – wordt geëvalueerd of het in het kader van dit onderzoek te verantwoorden is, dat het belang van buitenlandse cultuur met beide groepen in verband wordt gebracht.

 

1.1       De probleemstelling

 

Indien de aandacht van de Nederlandse vakantiegangers voor cultuur in het buitenland wordt gekoppeld aan de aandacht voor de oorspronkelijke cultuur (de buitenlandse cultuur) van buitenlanders die in Nederland wonen dan kan worden verondersteld, dat de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur de beide groepen binnen de Nederlandse multiculturele samenleving dichter bij elkaar brengt.

 

Teneinde het geschetste vraagstuk exploratief te benaderen is de volgende probleemstelling opgesteld:

 

In hoeverre is het gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur voor Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen - dat zich bij de vakantiegangers uit in de interesse voor cultuur in het buitenland en bij buitenlanders in Nederland in de interesse voor de oorspronkelijke cultuur - een conditie voor toenadering tussen beide groepen.

 

De structuratietheorie van Anthony Giddens[6]: vormt de inspiratie van de wijze waarop de probleemstelling is geformuleerd. In de probleemstelling is ‘ buitenlandse cultuur’ de spil waar alles om draait, ofwel het medium voor het reproduceren van de groepsgebonden praktijk, alsmede de te bestuderen conditie voor interactie. Om uitspraken over wisselwerking van kennis en kunde tussen beide groepen te kunnen doen, zijn allereerst twee onderzoeksvragen geformuleerd, die worden onderzocht middels literatuurstudie:

I.              Wat houdt buitenlandse cultuur op vakantie in voor de Nederlandse vakantiegangers?

II.            Wat houdt oorspronkelijke cultuur in voor de buitenlanders die in Nederland wonen?

Deze deelvragen komen aan bod in het tweede hoofdstuk.

 

Figuur 1: de probleemstelling in beeld.

 

De figuur toont het medium ‘buitenlandse cultuur’ in het centrum. Meteen is een lineair verband waarneembaar, waarbij beide groepen in hun omgang met buitenlandse cultuur geen contact met elkaar hebben, zodat reproductie plaatsvindt van twee verschillende groepsgebonden praktijken. Het medium heeft in dit geheel echter dezelfde eigenschappen als een glazen ruit in het donker: waarin iemand zichzelf terugziet in het raamglas, of de lampjes van de stad op de achtergrond, of zichzelf met daarachter de lampjes van de stad. Anthony Giddens geeft ruimte aan dit soort denken, waarbij het mogelijk is zowel bedoeld als onbedoeld ook ‘andere’ praktijken te beïnvloeden. Naast de lineaire relatie is een aanvullend beeld te herkennen in de figuur, waarbij buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers tot interactie komen en hierbij kennis over buitenlandse cultuur uitwisselen.

 

De literatuurstudie geeft inzicht in wat de belangstelling wekt op het gebied van buitenlandse cultuur bij Nederlandse vakantiegangers; en wat buitenlanders die in Nederland wonen zoeken in het contact met de oorspronkelijk cultuur. De praktijkstudie dient de ontdekkingstocht naar de mate van interactie: herkennen beide groepen de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur bij elkaar, en komen ze hierdoor samen voor het uitwisselen van kennis en kunde over buitenlandse cultuur?

 

De case-studie: vragen aan de participanten van de MundialReismarkt

 

Via het contact met de respondenten worden volgende onderzoeksvragen behandeld, met allereerst inleidende vragen naar:

- de realisatie van de doelstellingen van Festival Mundial en de MundialReismarkt;

- het hierdoor ontstane contact met de respondenten en hun hoedanigheid als cultuur- en vakantieexperts;

- de objectiviteit van de interviewer-onderzoeker;

- het belang van buitenlandse cultuur voor buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers.

 

Vragen naar aanleiding van de culturele help-desk functie van de MundialReismarkt:

- worden buitenlanders die in Nederland wonen beïnvloed door de interesse voor buitenlandse cultuur van de Nederlandse vakantiegangers;

- worden Nederlandse vakantiegangers beïnvloed door de interesse voor buitenlandse cultuur van de buitenlanders die in Nederland wonen?

Op basis van ervaringen van de respondenten, in de kunstmatige omgeving van de MundialReismarkt, kunnen eerste exploratieve uitspraken worden gedaan over de interactie tussen Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen.

 

Teneinde de ontstane visie over interactie tussen beide groepen te concretiseren - en te veralgemeniseren naar de Nederlandse multiculturele samenleving - wordt met de respondenten besproken of de veronderstelde toenadering, op basis van gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur, tot direct sociaal contact leidt:

- In hoeverre is de interesse voor buitenlandse cultuur een conditie voor direct sociaal contact tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers, waarbij  kennis over  buitenlandse cultuur wordt uitgewisseld?

 

De antwoorden op de onderzoeksvragen behorende bij de case-studie worden beschreven in de hoofdstukken drie tot en met vijf. In hoofdstuk zes wordt geconcludeerd of er inderdaad aanwijzingen bestaan dat beide groepen de interesse voor buitenlandse cultuur bij elkaar herkennen en of zij kennis over buitenlandse cultuur ook uitwisselen. Indien Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen op basis van hun gezamenlijke interesse contact met elkaar hebben, dan kunnen er - zoals in de inleiding van dit hoofdstuk besproken - diverse gevolgen zijn. De omgang van de ene groep met buitenlandse cultuur wordt overgenomen door de ander (acceptatie); er ontstaat een nieuw geheel (adaptie) of de groepen zetten zich tegen elkaar af (reactie). Op lange termijn leidt dit samenleven [7] tot ‘progressive adjustment’ of ‘stabilized pluralism’. Progressive adjustment duidt op een fusie tussen culturen of op assimilatie van cultuurelementen uit de verschillende culturen. Bij stabilized pluralism zullen de verschillende culturen hun autonomiteit gedeeltelijk behouden.

 

De MundialReismarkt vormde in 1997 één van de nieuwe attracties van Festival Mundial. De relatie tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers wordt besproken met cultuur- en vakantiedeskundigen, die aanwezig waren op deze reismarkt. Zij vormen het klankbord voor de theorie, maar eerst moest er dus het een en ander georganiseerd worden om op zondag 15 juni 1997 goed voor de dag te komen. De volgende paragraaf gaat in op het creëren van de kunstmatige omgeving in dienst van de case-studie. Op deze plaats zouden de buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers immers elkaar ontmoeten en van dichtbij geobserveerd kunnen worden. Daarnaast moest de organisatie van de MundialReismarkt er ook toe leiden dat de informatiewinning kon plaatsvinden via de standhouders: de cultuur- en vakantiedeskundigen van de case-studie.

 

 

 

1.2       Festival Mundial en de MundialReismarkt

 

Wat 10 jaar geleden als een internationaal samenwerkingsfeestje begon onder de naam ‘Derde Wereld Festival’ is in de loop der jaren uitgegroeid tot één van de grootste festivals van Nederland. Het unieke wordt aangeleverd door de infotainment formule, waarin informatie en entertainment wordt gecombineerd. Voor de organisatie staat het respect en de waardering voor andere culturen centraal. Festival Mundial werpt zich op als een platform om alle organisaties, die zich met internationale samenwerking en de multiculturele samenleving bezighouden, van een mooi plekje op het festivalterrein te voorzien. Daarnaast zijn er eigen initiatieven, zoals het contact met het Afrikaanse land Burkina Faso. In 1997 was naast la Troupe Saaba - al voor het derde jaar op het festival - ook de groep ‘Djiguiya’ uitgenodigd om op tournee te komen. Zij traden een maand lang op en werkten onder andere mee aan KinderMundial, ‘Mundial in de klas’ en aan kleinere evenementen van Mundial op Bosvreugd (Bosvreugd is een prachtige uitspanning aan de rand van de stad Tilburg met speelwei­de en podia.). Tijdens de editie van 1997 bezochten 110.000 bezoekers de slotmanifestatie van het festival in het Tilburgse Leijpark. De slogan luidde: 10 jaar Festival Mundial, hét cultuurfeest met muziek en informatie van wereldformaat!

 

1.2.1       Voorbereiding MundialReismarkt

 

Door een brief, waarin de relatie tussen de vakantiepraktijk en de multiculturele samenleving werd gelegd, zijn in oktober 1996 met festivaldirecteur Hans van Vugt mogelijkheden voor samenwerking doorgesproken. Bij aanvang van de werkzaamheden in februari 1997 bleken er contacten met de reiswereld aanwezig te zijn. Collega Hans van Bakel had in 1996 ongeveer een zevental organisaties weten te contracteren, maar er was er nog geen sprake van een apart reisplein. Het publieksonderzoek, dat Festival Mundial jaarlijks laat uitvoeren, had in het verleden al uitgewezen dat de bezoekers veel interesse hebben voor andere culturen en reizen.

 

Vanuit de filosofie van Festival Mundial bezien is het logisch om ‘verantwoord toerisme’ als thema voor de MundialReismarkt te kiezen. Eerlijk gezegd twijfelde ik - als organisator – aanvankelijk of dit wel de meest vruchtbare weg zou zijn, want het festival had ook belang bij meer financiële inkomsten om de toekomst van het festival veilig te stellen. De reden voor die terughoudendheid was, dat ik voor mijn afstuderen aan de Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer in 1992 de afstudeerscriptie had geschreven over milieugerichte initiatieven van de grootste Nederlandse reisorganisatoren. De winstmarges bleken zelfs bij hen te gering om, ondanks goede bedoelingen, veel milieugerichte initiatieven te ontplooien. Het selecteren van kleinere organisaties die zich profileren op het gebied van verantwoord toerisme leek mij daarom niet erg lucratief. Na wat telefoneren met grote reisorganisatoren bleek echter dat zij op Festival Mundial niet verwachtten hun doelgroep, maar de kritische consument te treffen. “Het heeft voor ons weinig zin om te participeren”, hoorde ik toen. Geconcludeerd is mede daarom, dat dit jaar de organisaties het best konden worden aangetrokken met de attractie van Festival Mundial, het belang van ‘verantwoord toerisme’ en de reislustige kritische festivalbezoekers, die geïnteresseerd zijn in andere culturen.

 

Om tot een selectie te komen van de organisaties die aangeschreven konden worden is geput uit:

* bestaande contacten van Hans van Bakel met de reiswereld uit voorgaande edities van Festival Mundial;

* de lijst met participanten aan de Vakantiebeurs 1997 in Utrecht: specialisten op het gebied van verantwoord toerisme, verre reizen en Nationale Verkeersbureaus. Het bijkomend voordeel hierbij was, dat geacht kon worden dat de organisaties die aan de Vakantiebeurs meededen ervaring hebben met het presenteren van hun activiteiten;

* een lijst met ambassades in Nederland en België, die verstrekt is door het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Bijna alle ambassades in Nederland en België zijn aangeschreven.

Ongeveer 250 organisaties kregen de wervende brief - zie bijlage I -  half maart in de brievenbus.

 

De doelstelling van de MundialReismarkt is tweeledig. Allereerst kon hiermee - vanuit het festival bezien - een beroep worden gedaan op vakantiegangers om te kiezen voor een verantwoorde manier van reizen, waarbij nadruk wordt gelegd op respectvolle omgang met de lokale bevolking en hun cultuur. Daarnaast is het doel van de MundialReismarkt - vanuit dit onderzoek bezien - om samen met de deskundigen die tijdens de reismarkt aanwezig waren, de interactie tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers te bespreken.

 

Tijdens de MundialReismarkt is de presentatie verzorgd door 18 organisaties:

2   promotie op nationaal niveau;

4   informatie verantwoord toerisme;

2   organisaties met verantwoord toerisme als uitgangspunt voor de te organiseren reizen;

10 commerciële reisorganisatoren, die betrokken zijn bij de discussie over

     verantwoord reizen en op wereldwijde schaal reizen organiseren.

 

1.2.2       De slotmanifestatie van Festival Mundial op zondag 15 juni 1997

 

Een sfeerverslag met krantenartikelen over Festival Mundial 1997 staan in de bijlagen II, onder deze alinea. Hierbij alvast een citaat uit het Brabants Dagblad van maandag 16 juni: ‘Het Tilburgse Leijpark was al snel bomvol en ieder hoekje, of het nu het hoofdpodium, het kinderdorp of de MundialReismarkt was, kreeg zijn eigen publiek’. In Dagblad de Limburger van vrijdag 20 juni verscheen een artikel over verantwoord toerisme: ‘Op de MundialReismarkt, tijdens Festival Mundial in Tilburg, presenteerden afgelopen zondag ongeveer 15 clubs zich onder dezelfde noemer’.

 

Bijlage II-1     -     Bijlage II-2     -     Bijlage II-3  (opent in een nieuw venster)

 

1.2.3       Evaluatie van de MundialReismarkt

 

De evaluatie van Festival Mundial - en de MundialReismarkt als instrument voor de case-studie - wordt beschreven in hoofdstuk drie.

 

1.3       Onderzoek en werkwijze

 

Het onderzoek bestaat uit drie delen: de literatuurstudie, de case-studie met interviews onder de participanten aan de MundialReismarkt en de analyse van de verkregen informatie met betrekking tot de probleemstelling.

 

In hoofdstuk twee, en ook in dit eerste hoofdstuk, is informatie verwerkt die afkomstig is uit de literatuurstudie, die dient om het onderzoek van theoretische achtergrond te voorzien. Hiermee was al begonnen voordat de organisatie van de reismarkt plaatsvond om de 18 deelnemers tijdig te kunnen confronteren met het wetenschappelijke aspect van de MundialReismarkt.

 

Zover te achterhalen is geweest, is nog nooit onderzoek gedaan naar de vraag of Nederlandse vakantiegangers en Buitenlanders die in Nederland wonen tot interactie komen op basis van hun gezamenlijke belangstelling voor buitenlandse cultuur. Vandaar dat is gekozen voor kwalitatief onderzoek met interviews onder de participanten aan de MundialReismarkt. Kwantitatief, statistisch onderzoek tijdens de festivaldag had als risico dat het weinigzeggend zou zijn geweest, omdat het onderzoeksterrein nog onvoldoende afgebakend was. Deze studie heeft dan ook een exploratief karakter en dient te worden gezien als een stap om onderzoeksterrein – interactie tussen groepen binnen de multiculturele samenleving op basis van overeenkomsten in interesse – te verkennen.

 

Teneinde concreet in te kunnen gaan op de vraag of tijdens de MundialReismarkt, buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers kennis en kunde over buitenlandse cultuur uitwisselden, is naar antwoord gezocht bij de participanten van de MundialReismarkt. Zij waren die festivaldag immers betrokken bij het contact tussen beide groepen. Daarnaast wordt geacht dat de deelnemers aan de MundialReismarkt – in het kader van dit kwalitatieve onderzoek – over de gezochte cultuur- en vakantieexpertise beschikken.

 

1.3.1       De literatuurstudie

 

Alvorens de probleemstelling te kunnen verwoorden is beroep gedaan op literatuur afkomstig uit de universiteitsbibliotheek, zodat meer te weten is gekomen over verschijnselen die zich voordoen wanneer verschillende groepen met diverse culturele achtergronden in contact met elkaar komen. Hierbij is ook gezocht naar literatuur over het effect van culturele ontmoetingen en naar antwoorden op de vraag wanneer positieve waardering voor elkaar ontstaat.

 

Met betrekking tot de deelvragen uit paragraaf 1.1 is gebruik gemaakt van diverse informatiekanalen. De omvangrijkste informatiebron is de samengestelde literatuur behorend bij het moduul ‘Reizen in de Moderniteit’. Daarnaast is literatuur van andere modulen van de studie Vrijetijdwetenschappen aangesproken en aangevuld met meer praktische informatie van de Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer in Breda. De ingang op literatuurgebied naar de betekenis van cultuur voor vakanties is dus voornamelijk aangereikt via de vrijetijdsopleiding(en). De bibliotheek van de universiteit in Tilburg is intensief bezocht om inzicht te krijgen in vraagstukken die betrekking hebben op de buitenlandse cultuur in Nederland. Voorts werden in de tijd van deskresearch dagbladen en televisieprogramma’s tegen het licht gehouden en in relatie gebracht met de door de literatuurstudie opgedane kennis om een theoretisch, maar ook actueel beeld te geven van de omgang met buitenlandse cultuur door beide groepen.

 

1.3.2       Het kwalitatieve onderzoeksgedeelte

 

Begin juli is begonnen met het maken van afspraken met de standhouders op de MundialReismarkt, want de 15e juni van Festival Mundial lag toen nog vers in het geheugen. De onderzoekspopulatie bedroeg dertien van de achttien. Drie commerciële reisorganisatoren deden niet mee aan het onderzoek, evenals één nationaal verkeersbureau en één organisatie die informeert over verantwoord toerisme. In bijlage III staat vermeld, welke respondenten deelnamen aan dit onderzoek en welke niet. Ook de tijdstippen van de interviews zijn genoteerd.

 
1.3.2.1    De respondenten: cultuur- en vakantieexperts

 

Het literatuuronderzoek had al behoorlijk inzicht verschaft in de specifieke cultuur- en vakantieproblematiek, maar voor het maken van afspraken met de respondenten ontstond ook de bewustheid, dat de meeste participanten aan de MundialReismarkt verbonden zijn aan commerciële reisorganisatoren. Het is geen geheim dat deze organisaties winst moeten maken en gedacht zou kunnen worden, dat hun kennis over andere culturen vooral in dienst staat van de vakantiegangers, hun klanten. Er moest daarom bij voorbaat meer nadruk worden gelegd op de gezochte hoedanigheid - in dienst van het praktijkgedeelte van dit onderzoek – van cultuur- en vakantieexpert:

 

Commerciële reisorganisatoren: cultuur- en vakantieexperts

 

Het voorgaande was reden om de reisorganisatoren aan te spreken met de katalyserende stelling, die dan begin juli 1997 op volgende wijze naar voren werd gebracht:

‘Het meeste cultuurgerichte toeristisch kapitaal is geaccumuleerd in de reiswereld.’

 

Toeristisch kapitaal? “Jawel, de kennis en kunde die het mogelijk maakt om - mits cultuurgericht - cultuur op reis te beleven. Dit kapitaal is in uw handen. U kunt zich verplaatsen in toeristen en culturen uit andere landen. Daarom vraag ik u mee te doen aan dit onderzoek.”

 

In hoofdstuk 2 (paragraaf 2.2.2) is de basis gelegd voor het opperen van de katalyserende stelling die afgeleid is uit de theorie van Tibor Scitovsky, die veronderstelt dat de Westerse mens een steeds hoger niveau aan 'leisure skills' of vrijetijdsbekwaamheden accumuleert. Hij vergelijkt de ontwikkeling in de vrijetijd met die tijdens de arbeidstijd. Vervolgens zijn de vrijetijdsbekwaamheden in relatie gebracht met de ‘kapitaaltheorie’ van Pierre Bourdieu. Op deze wijze is het mogelijk geworden respondenten direct te laten focussen op het studieobject – interactie op basis van de gemeenschappelijke interesse voor buitenlandse cultuur - door hen, als cultureel kapitaalkrachtigen, aan te spreken op de cultuur- en vakantieexpertise. “Het gaat om exploratief onderzoek naar de relatie tussen Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen. Twee groepen met interesse voor buitenlandse cultuur en daarom wellicht kennis hierover uitwisselen”.

 

Commerciële reisorganisatoren en verantwoord toerisme

 

De maatschappelijke vraag om bewust met natuur en cultuur om te gaan verdient zeker de aandacht binnen de reiswereld en wordt concreet beantwoord door verbondenheid te tonen met duurzaam- of verantwoord toerisme: het thema van de MundialReismarkt, waarmee de deelnemers zijn geworven. Om verantwoord reizen te kunnen organiseren wordt in de Nederlandse reiswereld gedacht aan vier hoofdcriteria[8]:

* contact met de lokale bevolking;

* aandacht voor natuur en landschap;

* opbrengsten voor de lokale economie;

* aandacht voor de authentieke, lokale cultuur.

 

Alle respondenten - en dus ook de reisorganisatoren - danken hun specifieke bekwaamheid, die gevraagd is voor dit afstudeerwerkstuk, aan het feit dat zij vanuit de werksfeer met culturele vraagstukken worden geconfronteerd en zicht hebben op de omgang van Nederlandse vakantiegangers met buitenlandse cultuur.

 

Gelijkwaardige cultuur- en vakantieexperts, wiens meningen er toe doen!

 

Verder wordt in de case-studie gesteld dat organisatoren van reizen onder de noemer van verantwoord toerisme - op basis van de bij hen aanwezige kennis en kunde in de vorm van cultuurgericht toeristisch kapitaal - een vijfde bestaansrecht bezitten. De andere vier bestaansrechten zijn[9]: het verhogen van de bezettingsgraden van de diverse hoofdcomponenten; daarnaast de omzetverhogende invloed op de exploitatie van de reisbureaus; de toegenomen bereikbaarheid voor een groot deel van de bevolking van vakantiereizen en dat - hoewel er ook veel negatieve effecten aan te geven zijn - de touroperator bijdraagt aan de ontwikkeling van de vakantiebestemmingen.

 

Alle deelnemers aan dit onderzoek zijn geconfronteerd met de visie over het extra bestaansrecht van reisorganisatoren. De ontmoeting van de respondenten met het nieuwe bestaansrecht dient enerzijds de informatiewinning: om de diepst aanwezige cultuur- en vakantieexpertise uit te dagen! Anderzijds dient het de analyse, omdat op deze wijze duidelijk wordt dat gesproken wordt met gelijkwaardige experts, die allen verstand hebben van cultuur en vakanties.

 

In paragraaf  1.2.1 is uitgelegd waarom, mede vanuit commercieel oogpunt, de organisaties zijn geselecteerd en aangetrokken om te participeren aan de reismarkt via betrokkenheid met ‘verantwoord toerisme’. Dit neemt echter niet weg, dat indien de grote bekende reisorganisatoren - die niet direct gelieerd zijn aan verantwoord toerisme - hadden meegedaan aan de MundialReismarkt, ook zij geconfronteerd zouden zijn geworden met het vijfde bestaansrecht. Ofwel dat zij beschikken over een bijzondere omvang van toeristisch kapitaal, waardoor cultuurgerichte vakanties georganiseerd worden met oog voor de lokale bevolking en hun cultuur. Wel is te veronderstellen dat de vaak jongere commerciële reisorganisaties met het 'culturele verantwoordelijkheid gen' vanzelfsprekender voor het bestaansrecht in aanmerking komen, waardoor de discussie die hierop inhaakt over kennis over buitenlandse culturen, buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers eenvoudig(er) wordt geanimeerd. De opzet van de MundialReismarkt met als thema 'verantwoord toerisme' biedt hiermee een gunstige bijkomstigheid in het kader van deze studie.

 

De organisatie waar de respondent zich voor inzet geeft wellicht soms inzicht in een bepaalde reactie op een vraag, maar de intentie is die achtergrond in de analyse van ondergeschikt belang te laten zijn aan de deskundigheid. Daarom is, nadat een respondent het woord heeft genomen, hoogst zelden de organisatie vermeld waaraan deze verbonden is. Alleen bij de MCNV – Medisch Comité Nederland Vietnam – gebeurt dat wel bijna altijd, omdat anders onbewust gegist wordt naar de relatie van de respondent met Vietnam. Op de meningen over het extra bestaansrecht van de reisorganisatoren wordt in hoofdstuk drie teruggekomen.

 

Cultuur- en vakantieexperts kennen geen geheimen

 

Deze paragraaf diende allereerst om de cultuur- en vakantieexperts als aanspreekpunt te introduceren, maar eveneens om te benadrukken dat verondersteld mag worden dat deze eigenschap daadwerkelijk aan de respondenten kan worden toegekend. Alle dertien respondenten worden immers als deskundigen op dit specifieke terrein van onderzoek aangesproken, wat de informatie tot openbare informatie maakt. Tijdens het contact is dan ook nooit ter sprake gekomen om iets van de informatie vertrouwelijk te houden. In hoofdstuk drie wordt beantwoord of de respondenten de gezochte expertise bij zichzelf herkennen.

 
1.3.2.2    Enquête of Enquête-interviews

 

Uiteindelijk zijn een negental interviews gehouden en vier enquête-interviews teruggestuurd. Deze enquête-interviews zijn opgestuurd per post, omdat sommige respondenten bij voorkeur schriftelijk wensten te antwoorden. Met één respondent is een interview gehouden, nadat de vragenlijst is opgestuurd.

 

Gezien het voorgaande is er dus reden om tijdens weergave van de verzamelde data een onderscheid te maken tussen interviews en enquête-interviews. De informatie, die is vrijgekomen na het gesprek met de respondent met voorkennis over de vragenlijst is verwerkt als enquête-interview.

 
1.3.2.3    Het opstellen van de vragenlijst

 

De vragenlijst  (bijlage IV) is opgesteld op het moment dat een groot deel van de literatuurstudie was afgerond en de contouren van het onderzoek zich al duidelijk aftekenden. Het doel was om via die vragen inzicht te verkrijgen in de onderzoeksvragen uit paragraaf 1.1, behorende bij de case-studie van dit onderzoek. Bij sommige vragen die de respondenten zijn voorgelegd is verwezen naar een theoretisch antwoord.

 

In het derde hoofdstuk wordt kort ingegaan op de werking van de vragenlijst. Door de verslaggeving te splitsen in interviews en enquête-interviews is de bijkomstigheid, dat een signaal wordt afgegeven of de vragenlijst voldeed om informatie in te winnen bij de respondenten.

 

 

 

 

 (pagina 14 van 60 pagina's print-totaal)

 

 

 

 

 


 

 

 

HOOFDSTUK 2: CULTUUR OP VAKANTIE    en   

BUITENLANDSE CULTUUR IN NEDERLAND

 

2.1       Inleiding

 

In dit literatuurhoofdstuk staan de twee deelvragen uit paragraaf 1.1 centraal. Allereerst wordt gezocht naar antwoord op de vraag wat buitenlandse cultuur inhoudt voor Nederlandse vakantiegangers. Vervolgens wordt in paragraaf 2.3 de aandacht verlegd naar de vraag wat oorspronkelijke cultuur is voor de buitenlanders die in Nederland wonen.

 

2.2       Cultuur op vakantie in het buitenland

 

Cultuur betekent - volgens socioloog en antropoloog Erik Cohen - voor toeristen alles wat het echte, onvervalste en originele voorstelt[10]. Hij stelt dat het streven naar authenticiteit (beleving van authentieke cultuur) prominent aanwezig[11] is binnen de keur aan reismotieven die een vakantieganger kan bezitten.

 

Hedendaagse opvattingen over vakantie zijn niet los te zien van de historische ontwikkeling hiervan. In het kader van het vijfentwintigjarig bestaan van de Vakantiebeurs in Utrecht schreven Heidi Dahles en Annegiem Lange een essay over het vakantiegedrag, de vakantiebeleving en de vakantiecompetentie van drie generaties Nederlanders[12]. Aanvankelijk gaf vakantie vooral een distinctiemogelijkheid aan verschillende groeperingen binnen de samenleving. “De bovenlaag ziet zich door het imiteergedrag gedwongen de sociale afstand ten aanzien van de maatschappelijke stijgers te herbevestigen door nieuwe, onderscheidende reisstijlen te ontwikkelen[13]”. Het gevolg hiervan was dat vakantiegedrag voortdurend nieuwe impulsen kreeg. Toch is ook tegenwoordig de oorsprong van vakantiegedrag soms nog waarneembaar. Zo herkennen Dahles en Lange burgerlijke idealen van vorming en educatie in het sterk in opkomst zijnde cultuurtoerisme.

 

In de loop van de vorige eeuw hebben zich gunstige basiscondities voor vrijetijdsbesteding kunnen ontwikkelen, waardoor vakantie voor iedereen in Nederland bereikbaar werd. Theo Beckers en Hugo van der Poel onderscheiden in ‘Vrijetijd tussen vorming en vermaak’ (1990) een zestal voorwaarden, die van wezenlijk belang worden geacht voor de vrijetijdsbesteding in Nederland: de verzorgingspositie; de omvang van het vrij besteedbaar inkomen; de omvang en de structuur van de vrij besteedbare tijd; de competentie en vaardigheden die nodig zijn om activiteiten te ondernemen; de publieke context van activiteiten - het netwerk van sociale relaties waarin vrijetijd wordt georganiseerd en geproduceerd - en de (tijdruimtelijke) beschikbaarheid van vrijetijdsaanbod.

 

2.2.1       Het Tourist Attraction System

 

Machinale reproductie van de vakantiepraktijk is het stokpaardje van de Zwitser Jost Krippendorf en wordt door hem in verband gebracht met de zich uitbreidende vakantiedorpen door de ‘toeristische groeimachine', waardoor men de controle over de situatie verliest. Deze theorie is zeker nuttig bij het verklaren van een schaduwzijde van het toerisme, maar over het algemeen wordt het systeem rond vakanties veel dynamischer geschetst. De Australische professor Neil Leiper laat dit met het ‘Tourist Attraction System’ zien.

 

“A tourist attraction system is a system comprising three elements: a tourist or human element, a nucleus or central element, and a marker or informative element. A tourist attraction comes into existence when the three elements are connected.[14]” Het systeem verbindt de toerist, de attractie en de aanduidingen (markers). Leiper onderscheidt hierbij drie soorten markers: generating  markers, transit markers en contigious markers. De laatste categorie aanduidingen heeft betrekking op de attractie of ‘nucleus’ en de interpretatie hiervan. De transit markers begeleiden de toeristische keuzes onderweg naar de attractie. Advertenties via de media en verhalen van mensen uit de huiselijke kring bijvoorbeeld, worden als genererende markers aangemerkt. De aanduidingen worden geacht invloed te hebben op toeristische keuzeprocessen, waarbij de katalyserende eigenschappen van de markers de aandacht voor een centraal element kunnen versterken of veranderen.

 

Figuur 2: Het ‘tourist attraction system’ (TAS).

 

Erik Cohen heeft zich nadrukkelijk bezig gehouden met ‘het beleven van authentieke cultuur’ als reismotief en zijn indeling kan denkbeeldig (als ‘*’in figuur 2) in het model worden geplaatst: de ‘existential’, de ‘experimental’, de ‘experiential’, de ‘diversionary’ en de ‘recreational’ toerist. Op deze wijze wordt het contact van vakantiegangers met culturen getypeerd, waarbij eenieder in wisselende situaties ook van type kan veranderen (, hierop wordt in paragraaf 2.2.3 teruggekomen). 

 

Lew[15]  veronderstelt dat toeristen aangetrokken worden door de nucleus. Leiper bekritiseert dit standpunt en stelt[16], dat toeristen nooit letterlijk gemagnetiseerd worden door een centraal element, maar dat zij gemotiveerd worden in het geval dat een aanduidend element correspondeert met toeristische voorkeuren en andere aan toeristische besluitvormingsprocessen verbonden condities. Hij hecht aldus het meeste belang aan de wensen en voorkeuren van het individu als push-factoren voor het systeem. Dean MacCannel concentreert zich in ‘The Tourist’ (1976) juist op de aanduidende elementen. De markers representeren immers iets aan iemand. Van cruciaal belang is volgens hem, dat de vakantiegangers betrokkenheid voelen via de markers met de attractie.

 

2.2.2       Bekwaamheid en betrokkenheid bij culturele activiteiten

 

De econoom en psycholoog Tibor Scitovsky[17] meent dat de vakantieganger inderdaad niet gemagnetiseerd wordt door een attractie, maar dat de aandacht die naar vakanties uitgaat alles te maken heeft met het hoge niveau van de ‘leisure skil­s’ of vrijetijdsbekwaamheden van de Westerse mens. Hij vergelijkt de ontwikkeling in de vrijetijd met de ontwikkeling tijdens de arbeidstijd. Ook daar wordt de productiecapaciteit verhoogd, indien mensen bekwamer worden. Net als investeren in dienst van te realiseren sportieve doelstellingen, kan de aandacht voor andere culturen in de vrijetijd dus worden verklaard door de mogelijkheid hierover te kunnen blijven leren.

 

Anders dan in de meeste onderzoeken naar stress, wordt bij benaderingen van het toerisme en aanverwante activiteiten vooral de positieve kant van stress gemeten. “Er blijkt een optimaal stressniveau te zijn: namelijk een hoeveelheid die niet zo groot is dat ze disfunctie uitlokt en ook niet zo gering dat er routinematig mee kan worden omgesprongen.[18].” De emotionele beleving van de prikkelingen of ‘arousal’ bevat twee motivationele dimensies[19]:

1.   Arousal-Avoiding: de persoon probeert gespannen toestanden (negatieve stress) te vermijden en zoekt een zekere ontspanning.

2.   Arousal-Seeking: de persoon zoekt juist een bepaalde mate van opwinding.

Zogenoemde ‘low-skilled’ activiteiten leiden al snel tot verveling, zo redeneert Scitovsky. Mensen beproeven via, onder meer cultuurgerichte, ‘high skill’ activiteiten hun toeristische competentie en proberen bekwaamheid steeds verder te ontwikkelen.

 

Havitz en Dimanche (1990)[20] onderbouwen de voorname rol van ‘involvement’ – betrokkenheid – met betrekking tot toeristisch gedrag. Het gaat daarbij om de perceptie van een individu over het belang, de plezierwaarde, de symbolische waarde, het waargenomen risico en de consequenties van dat risico. Verondersteld wordt dat de betrokkenheid toeneemt naar mate het individu het eigen zelfbeeld in het product gereflecteerd ziet, er invloed uitgaat van een sociale referentiegroep en indien de prijs relatief hoog is.

 

Toeristisch kapitaal

 

De competentie die nodig is om activiteiten te ondernemen wordt gezien als één van de voorwaarden voor vrijetijdsbesteding. Scitovsky geeft aan, dat ‘het opdoen van bekwaamheid’ tevens een reismotief vormt, omdat het als plezierig kan worden ervaren om tijdens de vakantie kennis en kunde te beproeven en verder te ontwikkelen. Uit de hieraan voorafgaande alinea is op te maken, dat het gevoel van betrokkenheid van de vakantieganger met een bepaalde activiteit onder meer wordt gevoed door interpretatie van de aanduidingen met betrekking tot sociale referentiegroepen en door het zelfbeeld dat ontstaat bij het ondernemen van die activiteit.

 

Stel een vakantieganger wil niet al te lang op reis, ver weg en veel culturele ervaringen opdoen. Dan kan deze - om meer tijd over te hebben voor het culturele contact - een deel van de kennis en kunde al in Nederland opdoen bijvoorbeeld door het lezen van boeken, of door bepaalde zaken uit te besteden aan ervaren reisgenoten of een reisorganisator. Via deze gedachtegang over kennis en kunde – als een soort kapitaalvorm die te ontwikkelen is en waarbij betrokkenheid wordt gevoeld met de sociale referentiegroep – kan men niet anders, dan denken aan de wereldberoemde kapitaaltheorie’[21] van de Franse socioloog Pierre Bourdieu. In dit afstudeerwerkstuk wordt daarom een kapitaalvorm toegevoegd aan zijn creatie van het culturele, economische en sociale kapitaal: het toeristisch kapitaal. Dit is in lijn van wat de fransman zelf heeft gedaan met bijvoorbeeld het ‘linguïstisch kapitaal’, kapitaal in de vorm van kennis en vaardigheden om aan de dominante cultuur te kunnen deelnemen. Toeristisch kapitaal is te omschrijven als het kapitaal, dat nodig is om deel te kunnen nemen aan de vakantiepraktijk.

 

De vakantieganger dient in beginsel[22] betrokkenheid te voelen met de samen te stellen reiscomponenten: vervoer, verblijf en aanvullende diensten (o.a. reisleiding, excursieprogramma en verzekeringen). Activiteiten - dus ook de culturele - die met behulp van aanwending van toeristische kennis en kunde ondernomen worden zijn volgens het ‘Studienkries für Tourismus’ opgebouwd uit combineerbare ingrediënten, die eveneens de aandacht van de vakantieganger verdienen. Deze ingrediënten van activiteiten noemen zij de vrijetijdsdomeinen: creativiteit, avontuur, beweging, spel, gezelligheid, educatie en ontspanning[23].

 

Cultuurgericht toeristisch kapitaal

 

In dit onderzoek wordt gefocust op de vakantieganger die interesse heeft voor buitenlandse cultuur. Hiertoe  heeft  deze kennis en kunde nodig met betrekking tot de reiscomponenten en de reisdomeinen (ofwel vrijetijdsdomeinen) in de vorm van cultuurgericht toeristisch kapitaal om via de juiste samenstelling hiervan cultuur op vakantie optimaal te kunnen beleven. Een logische eerste reactie is, dat de aandacht voor het reisdomein ‘educatie’ een voorname rol speelt bij de realisatie van deze wens.

 

De renaissance van het sociaal distinctie gedrag op vakantie

 

Pierre Bourdieu zou het toeristisch kapitaal hebben kunnen omarmen als toevoeging in zijn kapitaaltheorie om daarna het ‘cultuurgerichte’ mee te nemen naar zijn verdiepende ‘distinctietheorie’, ter motivering van het beeld van groepen die zich onderscheiden op basis van smaak en life-style. Het is plausibel te veronderstellen dat de betrokkenheid met het fenomeen ‘cultuur beleven op vakantie’ leidt tot cultuurgerichte investeringen door de vakantieganger, omdat de waarde van het opgedane toeristisch kapitaal zich niet laat beperken tot het ervaren van een optimaal stressniveau tijdens de buitenlandse reis. Kortom, verwacht kan worden dat de culturele kennis en kunde ook in het dagelijkse leven in Nederland wordt aangewend om zich te onderscheiden van anderen of om juist deel uit te kunnen maken van een bepaalde groep.

 

2.2.3       De beleving van cultuur

 

Naast het uitdagen van opgedane bekwaamheid – de ‘leisure skills’ – als motief om aan culturele activiteiten deel te nemen, wordt een ander motief hiertoe aangewakkerd via aanduidingen die voortkomen uit een reactie op maatschappelijke ontwikkelingen als: secularisering, ontzuiling in Nederland, ontstatelijking, privatisering, globalisering, ofwel een aantal ontwikkelingen waardoor het individu houvast verliest. Verondersteld wordt, dat instituties voor velen gewichtloos[24] schijnen en dat de behoefte aan waarden en normen de attractie van buitenlandse cultuur versterkt. De wens om andere culturen te ontmoeten kan op deze manier worden begrepen als het streven naar duidelijkheid over de wijze waarop geleefd dient te worden. Een ‘generating marker’ uit het Tourist Attraction System die inspringt op deze visie, zou bijvoorbeeld een vakantieverslag van de buurman over ‘de ontmoeting met de onveranderde eeuwenoude, maar respectvolle, cultuur’ kunnen zijn.

 

Voorgaande nostalgische blik inspireerde Boorstin om de toenemende aandacht voor authentieke culturen te verklaren[25]. Een andere visie is van John Urry die vindt, dat de belangstelling voor onder meer ­cultureel erfgoed te wijten is aan de kunde van mensen uit de moderne samenleving: “to evaluate their society and its place within the world[26]”. Dat dit evalueren echter niet eenvoudig is blijkt wel uit het introductiehoofdstuk van het boek ‘Cross Cultural consumption: global markets, local realities’ (1996), van David Howes. Met het begrip ‘creolization’ komt hij met een intermediair, dat oog heeft voor de creatieve omgang van de consument op lokaal niveau met een globaal product: ‘Coca-Cola’ wordt op lokaal niveau verschillend beleefd: In Haïti een medicijn[27]! Het begrijpen van een andere cultuur, dat kost tijd zegt Howes. “Er is een bepaald slangidioom (plat taalgebruik), in de verte gebaseerd op het Hawaïaanse Pidgin, waarmee men een loodzwaar soort humor tot uitdrukking brengt, en dat vrijwel uitsluitend gaat over eten, bier drinken, dik zijn, lui zijn, niet erg slim zijn, surfen, het spelen van luide muziek, het pesten van toeristen en het bezitten van een auto met voorwielaandrijving[28]”. Dit pesten van toeristen heeft zich niet beperkt tot de Stille Oceaan en het gedrag geeft aan hoe relativerend om dient te worden gegaan met het geloof andere culturen daadwerkelijk te kunnen begrijpen. Refererend aan het Tourist Attraction System, zou gedacht kunnen worden aan een reclameslogan met de aanduiding: ‘overwinter zes maanden in het buitenland om een cultuur echt te leren kennen’. De voldoening van het evalueren van het eigen ‘oude’ culturele centrum in relatie tot het ‘nieuwe’ op de vakantiebestemming zou vervolgens in de reclamecampagne kunnen worden verzorgd met de aanduiding in de brochure: ‘Nederlandse Satelliet TV aanwezig in het appartement’.

 

De commodificatie - het verkopen - van authenticiteit in de commerciële reiswereld op bestemmingen als Bali heeft de discussie over het kunnen beleven van andere culturen naar een hoogtepunt gestuwd, want de suggestie wordt hierdoor gewekt, dat dit het ontmoeten van de originele cultuur belemmert. Dean MacCannell betoogt met zijn ‘Staged Authenticity gedachte’, dat de inwoners uit toeristenbestemmingen schijnvertoningen verkopen aan de toeristen. Ook Goffmanns ‘front-backstage tweedeling' kan worden aangewend om dit te onderstrepen. De gedachte van Goffmann is, dat naast de voor toeristen opgezette ‘front regions’ ook ‘back regions’ bestaan, die wellicht aantrekkelijker zijn voor geïnteresseerde toeristen, omdat zich daar het ware leven afspeelt. Deze zeepbel wordt vervolgens door hem doorgeprikt, daar het vals bewustzijn bij de toeristen simpel zal worden opgeroepen door het opzetten van ‘false back regions’. Erik Cohen blijft echter toch positief over het lot van toeristen en geeft aan dat het soms maar goed is dat de mensen op reis in hun kunstmatige ‘environmental bubble’ kunnen voortleven. Anders zouden zij op vakantie misschien last kunnen krijgen van een desoriënterende ‘culture shock[29]’. Dit zou het vakantieplezier bederven. Een denkwijze, die wordt ondersteund door het onderzoek van de populaire Vakantieman op televisie, waaruit blijkt dat ‘Broodje Amsterdam’ door Nederlandse vakantiegangers tot het beste restaurant in het buitenland is gekozen.

 

Boorstin veronderstelt dat de toeristen bewust ‘pseudo-events’ najagen en feitelijk helemaal niet geïnteresseerd zijn in wat voor cultuurelementen dan ook. Vanuit hun ‘environmental bubble’ - als de creatie van een Westers vakantiedorp midden in de jungle - vinden zij plezier in een systeem, dat gebaseerd is op illusies[30]. MacCannell verklaart de betrokkenheid van vakantiegangers met authenticiteit, maar legt eveneens uit dat de gang van toeristen nutteloos is, omdat zij vervreemd zijn van de eigen cultuur. Het gebrek aan culturele identiteit proberen zij daarom tevergeefs te zoeken bij andere volkeren[31]. Erik Cohen maakt in  ‘A phenomenology of tourist experiences[32]’ duidelijk, dat de aantrekkingskracht van cultuur op vakantie veel breder moet worden gezien. De attractie van cultuur is ook gelegen in ontspanning en de mogelijkheid om culturele centra te begrijpen en te evalueren. Aanduidingen in het ‘TAS’, die inspelen op de behoefte aan plezier bij vakantiegangers om cultuur te beleven zouden dus - de lijn van Cohen volgend - het best kunnen aansluiten bij het concept van cultuurbeleving, waarbij naast educatie ook bijvoorbeeld ontspanning en gezelligheid belangrijke ingrediënten zijn.

 

Volgens Gottlieb gaat de rol van onderzoekers niet zo ver, dat een uitspraak mag worden gedaan over de mate waarin een toerist er in slaagt authentieke reiservaringen te beleven. Kenmerkend voor deze visie op authenticiteit is dat afstand wordt genomen van arbitraire opvattingen als hoge en lage cultuur, wanneer de belevingswereld van  toeristen ter sprake komt. De visie van Cohen sluit – door geen waardeoordeel te geven – aan bij die van Gottlieb en hij voegt hieraan toe, dat tenminste de eigen gevoelens en beelden van vakantievierders als authentiek moeten worden gezien[33]. Zo wordt een positieve draai gegeven aan het ‘Staged Authenticity begrip' van Mac­Cannell, en wordt benadrukt dat commodificatie, herontwikkeling van authentiek cultuurgoed: ‘emergent authenticity’ bevordert. Het gaat hierbij om de creatie van culturele activiteiten speciaal voor toeristen, waarin authentieke cultuuruitingen zijn opgenomen of in ere zijn hersteld.

 

Cultuurgerichte ‘toeristische biografie’

 

In het Tourism Attraction System (paragraaf 2.2.1, figuur 2) wordt de vakantieganger gelieerd aan een culturele attractie via bepaalde aanduidingen. Erik Cohen heeft een getrapte indeling gemaakt rond het contact met authentieke culturen. Zonder te stellen dat het ene beter is dan de andere komt hij met een vijftal niveaus[34]’, die toeristen in hun ‘touristical biography’ kunnen bereiken: existential,  experimental, experiential, diversionary en recreational.

1)  The ‘recreational tourist’, ervaart authenticiteit als vermakelijk en verfrissend. Dit sluit aan bij de functionalistische visie - gericht op re-creatie - om op vakantie de batterij voor het dagelijks leven thuis weer op te laden.

2)  De ‘diversionary’ wijze van authenticiteitbeleving komt voort uit het vervreemde alledaagse leven dat zich voortzet op vakantie.

Cohen respecteert deze vormen van beleving van authentieke ervaring op vakantie en stelt dat een ‘culture shock’ op dat moment voorkomen wordt door de kunstmatige leefwereld ‘enviromental bubble’die gericht is op ontspanning. De volgende drie niveaus hebben eerder te maken met een ‘reverse culture shock[35]’ bij terugkeer in de eigen samenleving.

3)  Op ‘experiential’ niveau probeert men zich te verplaatsen in anderen en te zoeken naar de betekenis van authentieke culturen. De motivatie is gelegen in de teleurstelling over de eigen cultuur en doet denken aan een beweging van periferie naar cultureel centrum.

4)  Het experimental niveau, waarbij het andere - het betere - de ‘way of life[36]’ wordt. Op dit niveau ontstaat de eindeloze zoektocht naar het ideaal.

5)  Bij vakantiegangers die opereren op ‘existential’ niveau switcht de culturele kennis als het ware van het ene naar het andere culturele centrum. Dit komt enerzijds door de binding met de cultuur in het land van herkomst, alsmede door het vermogen om een nieuw cultureel centrum te beleven.

 

Cohen respecteert de visie van alle toeristen op elk niveau en stelt evenals Scitovsky vast, dat er een zekere uitdaging in het beleven van authenticiteit bestaat. Hij waarschuwt ook, dat het vreemde van andere culturen bij sommigen kan leiden tot een cultuurschok. Wanneer met voorgaande informatie in gedachten naar het 'Tourist Attraction System' wordt gekeken dan zullen op deze niveaus, rustgevende aanduidingen de verbinding kunnen leggen met de culturele attractie. Informatie dient dan kernwoorden te bevatten als ontspanning, verzorgd-rust, gezelligheid en cultuur-spel. Bij de hierop volgende drie niveaus – experiential, experimental en existential – is de uitdaging gelegen in het zich blootstellen aan het vreemde en het overwinnen van angsten. Het informatieve karakter van de aanduidingen behorende bij deze culturele ontmoetingen zal naar verwachting eerder herkenbaar zijn in accenten van avontuur, beweging, creativiteit, cultuur-educatie, uitdaging, bekwaamheid en ontdekken.

 

Erik Cohen’s maakt duidelijk dat een persoon op drie verschillende niveaus kan omgaan met cultuur op vakantie. Namelijk om te ontspannen,  kennis te accumuleren - te leren - over een andere cultuur en om culturele centra te begrijpen en te evalueren. Hierbij ontwikkelt de vakantieganger een ‘cultuurgerichte toeristische biografie’, waarbij tijdens één vakantie alle drie de niveaus ervaren kunnen worden, zelfs door eenzelfde persoon.

 
2.3       Buitenlandse cultuur in Nederland

 

In een nieuw cultureel centrum zal over het algemeen de behoefte bestaan om bepaalde elementen uit de oorspronkelijke cultuur te blijven behouden. Het gaat dan bijvoorbeeld om literatuur, religie, geneeskunde, kunst, kledingvoorschriften, gedragscodes en eetgewoonten[37].

 

Een deel van paragraaf 2.2 is min of meer te kopiëren, wanneer beantwoord wordt wat oorspronkelijke cultuur inhoudt voor buitenlanders die in Nederland wonen. Vanzelfsprekend gaat er deels ontspanning en gezelligheid uit van het contact met de oorspronkelijke cultuur; of wil men culturele kennis en kunde verder ontwikkelen en de opgedane bekwaamheid testen; en kan men zich op basis hiervan onderscheiden naar sociale referentiegroepen en wordt eveneens de wens in leven gehouden om niet te vervreemden van de oorspronkelijke cultuur. Ook het ‘Tourist Attraction System’ is in dit kader - van het bestuderen van de attractie van de oorspronkelijke cultuur voor buitenlanders die in Nederland wonen - te vervangen door het ‘Roots Attraction System’.

 

2.3.1       Het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen

 

Menno Hekker gaat in de studie naar het leven van ‘Minahassers in Indonesië en Nederland’ in op de cultuurverandering van een volk. In het proefschrift worden twee factoren naar voren gebracht die van belang zijn, wanneer gekeken wordt naar de omgang met de oorspronkelijke cultuur. Het gaat hierbij om een soort basiscondities voor de (her-)ontwikkeling van cultuurelementen, die hij onderverdeeld in:

* de sociaal-institutionele omgeving, bijvoorbeeld een kerk, de stad of dorp waar men woont;

* de functionele omgeving, waarbij onder meer economische voorwaarden worden bedoeld; en

* de praktische omgeving, zoals de grondstoffen voor rituelen en het benodigd aantal deelnemers voor activiteiten.

Naast deze cultuurafhankelijkheid van de omgeving of context van de cultuur, dient rekening te worden gehouden met de tegenstelling bewust-onbewust, want het blijkt pas dat er zoiets als cultuur bestaat in contrast met andere culturen.

 

Twee factoren, of beter complexen van factoren, beïnvloeden het bestaan van migrantencultuur, namelijk de contextualiteit van de oorspronkelijke cultuur en de tegenstelling bewust-onbewust[38]. De representatie van de nieuwe cultuur komt tot stand door het uitpakken van culturele bagage en de oriëntatie in de ontvangende samenleving. De kwestie van het handhaven van bepaalde cultuurelementen door een groepering is te vinden in de literatuur over ‘folklore’. ”Folklore wordt tot op zekere hoogte bewust gecreëerd door de desbetreffende bevolkingsgroep en hoeft dus niet persé te bestaan uit ‘oeroude’ tradities, die onveranderd van generatie op generatie worden doorgegeven en gehandhaafd[39]”.

 

Menno Hekker stelt verder dat de bewustwording van culturele identiteit van niet-Nederlanders leidt tot cultuuruitingen met een aangepast uiterlijk. Dit komt door het afnemende contact met de oorspronkelijke cultuur en de veranderde culturele context. Hij komt tot volgend hypothese over folklorisering van de oorspronkelijke cultuur: "Migratie leidt tot folklorisering van de oorspronkelijke cultuur in de ontvangende samenleving. Er ontstaat een migrantencultuur als zelfstandige variant van de oorspronkelijke cultuur. De migrantencultuur is fragmentarisch en is een creatie van de migranten".

 

Net als bij de vakantiegangers kan dus ook bij de buitenlanders die in Nederland wonen worden verondersteld dat cultuur op verschillende niveau’s beleefd wordt, wat te registreren is in de cultuurgerichte biografie. Met de tijd verandert immers de context van te (her-)ontwikkelen cultuurelementen, alsmede de interpretatie van het cultuurcontrast.

 

2.4 De omgang met buitenlandse cultuur

  

Uit het literatuuronderzoek komt naar voren, dat het streven naar authenticiteit (beleving van authentieke cultuur) prominent aanwezig is binnen de keur aan reismotieven die een vakantieganger kan bezitten. Eveneens kan gesteld worden, dat de buitenlanders die in Nederland wonen over het algemeen de behoefte zullen hebben om bepaalde elementen uit de oorspronkelijke cultuur te blijven behouden.

 

De attractie van ‘buitenlandse cultuur’ leidt tot cultuurgericht handelen bij Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen. Twee factoren, of beter complexen van factoren, beïnvloeden de ontmoeting met de andere cultuur:

-   de context, waar rekening mee moeten worden gehouden (de basiscondities van het handelen, eigen wensen en voorkeuren);

-   het bewustzijn ten opzichte van het cultuurcontrast.

 

Figuur 3: ‘tourist attraction system’ = ‘roots attraction system’

 

Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen hebben interesse voor buitenlandse cultuur. Aanduidingen maken hierbij gewag van een culturele attractie. Daarbij is duidelijk dat cultuurgericht gedrag niet leidt tot allesomvattende kennis en kunde. De fragmentarische omgang met cultuur is het gevolg van al dan niet bewuste keuzes en ontstaat ook doordat het handelen contextgebonden is. De lezing van Erik Cohen’s toeristische biografie, waarbij cultuur op drie niveaus beleefd kan worden, sluit aan bij deze constatering: cultuur op vakantie om te ontspannen, kennis te accumuleren over een andere cultuur en om culturele centra te begrijpen en te evalueren. Ook Menno Hekker signaleert de fragmentarische omgang met cultuur en stelt dat de migrantencultuur hierdoor als zelfstandige variant van de cultuur in het land van oorsprong moet worden gezien.

 

Op de motivatievraag achter de culturele interesse bij Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen kan geantwoord worden:

* dat tijdens cultuurgerichte activiteiten competentie uitgedaagd wordt, waarbij gestreefd wordt een heerlijk gevoel van voldoening te bereiken. Bijkomende attractiviteit is dat bij participatie aan ‘high-skill’ activiteiten, de hiertoe benodigde kennis en kunde over culturen steeds verder ontwikkeld kan worden, waardoor het perspectief ontstaat dat de uitdaging en de voldoening in de toekomst toeneemt.

* dat het tegenwicht biedt aan de vervreemding van cultuur. Ofwel aansluit bij het streven naar duidelijkheid over wat de waarden en de normen zijn. Het gaat hierbij om een motivatievorm – die wordt versterkt door maatschappelijke ontwikkelingen als secularisering, ontzuiling, ontstatelijking, privatisering, globalisering – uit reactie op een aantal ontwikkelingen waardoor het individu houvast dreigt te verliezen.

* dat het opdoen van culturele kennis en kunde onderscheidend werkt ten opzichte van sociale referentiegroepen.

* gewoon, ter ontspanning, gezelligheid.

Eventueel zou – in de lijn van de toeristische groeimachine van Jost Krippendorf – hier aan toegevoegd kunnen worden, dat onder meer de Nederlandse vakantiegangers op passieve wijze zich als het ware door de ‘toeristische groeimachine’ laten leiden om cultuur te gaan beleven op vakantie. Dezelfde visie is ook mogelijk op buitenlanders die in Nederland wonen en simpelweg cultuurelementen (her-)ontwikkelen omdat de ander dat ook doet. In dit geval gaat men zonder cultuurgerelateerde motieven om met buitenlandse cultuur.

 

Om cultuurgericht gedrag uit te oefenen hebben buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers belang bij een gunstige ontwikkeling van de condities die aan dit gedrag zijn verbonden. Het zou daarom voordelig kunnen zijn om informatie bij elkaar in te winnen. Zo zou de interesse voor buitenlandse cultuur van Nederlandse vakantiegangers positieve invloed kunnen hebben op het draagvlak voor het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen van buitenlanders die in Nederland wonen. Eveneens zou de aandacht voor de oorspronkelijk cultuur van de buitenlanders die in Nederland wonen van invloed kunnen zijn op het gedrag van Nederlandse vakantiegangers, omdat deze in Nederland dus al contact kunnen leggen met buitenlandse cultuur. Het blijft daarom na dit hoofdstuk plausibel te veronderstellen dat buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers toenadering tot elkaar vinden om kennis en kunde over buitenlandse cultuur uit te wisselen.

 

 

 

 

 (pagina 22 van 60 pagina's print-totaal)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

 

 

 

HOOFDSTUK 3: EVALUATIE AANNAMEN ONDERZOEK

 

3.1              Inleiding

 

In dit inleidende hoofdstuk van de case-studie worden onderzoeksvragen behandeld, met betrekking tot:

- de realisatie van de doelstellingen van Festival Mundial en de MundialReismarkt;

- het hierdoor ontstane contact met de respondenten en hun hoedanigheid als cultuur- en vakantieexperts;

- de objectiviteit van de interviewer-onderzoeker;

- het belang van buitenlandse cultuur voor buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers.

 

In het kader van de case-studie is het van elementair belang dat contact is gevonden met respondenten die aangesproken kunnen worden op hun cultuur- en vakantiedeskundigheid. Aan hen wordt immers de vraag voorgelegd of buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers toenadering tot elkaar zoeken en kennis over buitenlandse cultuur uitwisselen.

 

3.2.      Inleiding evaluatie Festival Mundial en de MundialReismarkt

 

Deze paragraaf gaat in op de evaluatie van de MundialReismarkt als plaats waar kennis over buitenlandse cultuur wordt uitgewisseld, maar eerst even een verslag van de ervaringen vanuit het oogpunt van de participerende organisaties. Daaruit bleek dat iedereen het optreden op de 15e juni 1997 geslaagd vond. Dit neemt niet weg, dat sommigen liever minder geld hadden uitgegeven, meer aandacht verwachtten voor de publiciteit “Een echt bewaarbaar boekje” en ook is het idee geopperd van een intiemer terrein, zoals: “lemen hutten in een cirkel met in het midden een terras”. Een enkeling had twijfels over de doelgroep - de kritische reislustige consument - maar over het algemeen was men enthousiast over de participatie aan Festival Mundial, waarbij velen hun naamsbekendheid verbeterd zagen en een respondent de MundialReismarkt zelfs roemt als één van de beste beurzen van het jaar. Ook komt naar voren dat er contact is gelegd en onderhouden met andere organisaties die zijdelings te maken hebben met de reiswereld.

 

De publiciteit van de MundialReismarkt kan beter worden uitgewerkt, alsmede de aandacht hierbij voor de communicatie dat de prijzen van de presentatiemogelijkheid voor de reismarkt vier keer prijsvriendelijker waren dan voor de commerciële stands. De reden voor dit prijsverschil is dat de organisatie de reismarkt niet primair commercieel heeft benaderd, maar vooral als attractie om via de reiswereld over culturen te informeren. Sommige respondenten zouden nadrukkelijker met workshops, filmdocumentaires en literatuur werken om de bezoekers op intensievere wijze kennis te laten nemen over andere culturen.

 

3.2.1       Evaluatie Festival Mundial en de MundialReismarkt (interviews)

 

Festival Mundial

De doelstelling van Festival Mundial is het publiek laten kennis nemen, beleven, waarderen en respecteren van andere culturen in relatie tot onze eigen toenemende multiculturele samenleving, alsmede het verlenen van de steun aan internationale samenwerking.

 

Tijdens Festival Mundial waarderen en respecteren Nederlanders en Buitenlanders andere culturen, omdat (het theoretisch antwoord dat dan ter sprake kwam was)... er institutionele ondersteuning plaatsvindt, vertrouwelijk contact mogelijk is, statusverschillen gering zijn en er gemeenschappelijke belangen bestaan die tegenstellingen overstijgen.

 

“Gewoon feest”, zegt Petra Prins. Michel Ranzijn vindt de bezoekers heel erg blank, maar er is wel contact met andere culturen. Dat beaamt ook Siebe Snoeren. Pim van Heijst wijst op de verscheidenheid die geboden wordt en de positieve wijze waarop andere culturen in de schijnwerpers worden gezet. Anoushka van Bemmel wil meteen op vakantie en Carla Scholte herkent de doelstelling vooral in de organisaties die meedoen aan Festival Mundial.  Kees van Tefelen waardeert de positieve aandacht, die nieuwsgierig maakt naar Afrika en Oost-Europa.

 

De geïnterviewden herkenden het stimuleren van wederzijds begrip tussen culturen vooral door de creatie van sfeer door muziek, eten en drinken, waardoor mensen er bewust voor kiezen om dit festival te bezoeken. Een eerste kanttekening wordt gemaakt door Anoushka van Bemmel: “De Nederlandse cultuur was nauwelijks herkenbaar, buitenlanders herkennen misschien hun eigen cultuur, vooral Afrika krijgt veel aandacht”. Michel Ranzijn zou meer aandacht schenken aan films of literatuur, “omdat je daar pas echt veel van leert over andere waarden en normen”. Siebe Snoeren ziet meer in workshops - bijvoorbeeld op het terrein van godsdienst - om een bijdrage te leveren aan de doelstelling van Festival Mundial. Evenementen als Mundial in de Klas – waar Tilburgse basisschoolleerlingen aan de hand van speciale lesprogramma’s informatie krijgen over 'vreemde culturen' – dat noemt hij pas waardevolle investeringen in de toekomst: “Kijk, dan leer je wel over anderen”.

 

de MundialReismarkt

De ambitie van de MundialReismarkt is - door organisaties die zich inzetten voor verantwoordelijk toerisme en ‘verantwoorde’ reisorganisatoren te verenigen - bezoekers de mogelijkheid te bieden antwoorden te krijgen op vragen over verantwoord reizen, over andere culturen (met name ‘de derde wereld’) en het dagelijks leven in die culturen. De doelstelling is in eerste instantie niet het verkopen van reizen, maar het geven van antwoord op vragen over andere culturen.

 

Dat deze doelstelling wat te ambitieus is blijkt duidelijk uit de verhalen over het vluchtig doornemen van geëtaleerde fotoboeken, “leuk zeg”, het meenemen van folders en steeds weer dezelfde vragen, waarbij weinig aandacht uitgaat naar ‘verantwoord toerisme’. Anneke Oosterhuis van het Medisch Comité Nederland Vietnam: “Bestaan jullie nog, organiseren jullie reizen en sommigen vragen naar werk. Op zo’n dag met al die honderden mensen zijn er maar een paar die doorvragen”. Het Tsjechisch Centrum kreeg wel veel vragen over de cultuur. Kees van Tefelen van Informatie verre Reizen had graag wat meer rondgewandeld, maar kreeg door op de reismarkt te blijven heel wat complimentjes over de ‘te gast in’ boekjes: “Leuke verhalen, heel herkenbaar geschreven”. Michel Ranzijn treft hetzelfde publiek als tijdens de Vakantiebeurs in Utrecht en ziet geen bijzondere culturele belangstelling. Kees van Tefelen vindt het publiek iets vrijblijvender dan op de Vakantiebeurs en toch met name gericht op de muziek. Siebe Snoeren stelt dat de mensen al helemaal gewend zijn aan de andere culturen en aan reizen. De visie op de culturele belangstelling van de bezoekers is dus heel divers.

 

Dat de attractie van de MundialReismarkt niet zozeer de veronderstelde informatieve culturele functie heeft vervuld blijkt uit de reacties van de respondenten. Velen zijn van mening dat bij gesprekken die het vluchtige niveau overstijgen, de oorzaak kan worden gevonden in de relatie van de bezoeker met de organisatie of door de klantgerichtheid van de organisaties zelf: “wij organiseren vakantiereizen in samenwerking met ontwikkelingsorganisaties”, of als iemand met een sombrero langskwam; “aah, u bent vast pas in Mexico geweest”.

 

3.2.2       Evaluatie Festival Mundial en de MundialReismarkt (enquête-interviews)

 

Festival Mundial

De doelstelling van Festival Mundial kan op veel sympathie rekenen, maar Attie Sijpkes vindt het ook wat hoog gegrepen: “De mensen die komen hebben waarschijnlijk weinig problemen met andere culturen”. Saskia Zondag schrijft echter, dat Festival Mundial een uitermate geschikt middel is om een bijdrage te leveren aan internationale samenwerking en wederzijds begrip. Sally Withward vindt het open, ongedwongen karakter van Festival Mundial aantrekkelijk. Met ‘open’ bedoelt ze ook buiten: ”Veel mensen leven buiten”. Ook Frans de Man en Saskia Zondag zien de open en ongedwongen sfeer als voornaamste cultureel bindmiddel. “Samen op één plek zijn en dezelfde dingen bekijken”, schrijft Frans de Man.

 

Volgens Saskia Zondag is niet in te schatten of de statusverschillen tussen de mensen op Festival Mundial gering zijn. Dit werd in de interviews naar voren gebracht als een theoretische omstandigheid, waardoor waardering en respect tussen mensen uit verschillende culturen gestimuleerd wordt. “Ik vond het grappige juist dat er zoveel verschillende mensen aanwezig waren.” Frans de Man merkt in het kader van de respectvolle omgang op, “dat er overigens meer verschillen zijn tussen Nederlanders onderling dan tussen sommige groepen Nederlanders en buitenlanders”. In tegenstelling tot de mening van de meeste anderen is de hoeveelheid mensen - het massale karakter - voor Attie Sijpkes een argument om te veronderstellen dat hierdoor relatief weinig ontmoetingen tussen buitenlanders en Nederlanders zullen plaatsvinden.

 

de MundialReismarkt

Leuk opgezet, thematische markten geven de bezoekers een beter overzicht, doelstelling redelijk gerealiseerd en een mooi streven, maar de publiciteit - dat men hier vragen kon stellen over andere culturen - had wat beter gekund.

 

Sally Withward vertelt dat één iemand gevraagd heeft naar het bezoek aan lokale projecten. Nadat ze bezoekers op een reisje over de plattegrond heeft getrakteerd komt meestal slechts de vraag: “Welke namen hebben die stammen? Mensen zijn bij een eerste ontmoeting natuurlijk een beetje afwachtend en vragen niet verder over verschillende bevolkingsgroepen”, zo legt Sally uit. Maar er was veel belangstelling voor Zuid-Afrika en sommigen kwamen met vragen over de gevaren en problemen van het land.

 

3.2.3    Conclusies evaluatie Festival Mundial en de MundialReismarkt

 

Over het algemeen vinden de respondenten dat tijdens Festival Mundial interesse wordt gekweekt voor andere culturen en dat buitenlanders die belangstelling zullen waarderen, maar het is maar de vraag of door ‘het massale’ van het festival buitenlanders en Nederlanders elkaar ontmoeten. Gedacht wordt dat de bezoekers waarschijnlijk toch al weinig problemen met andere culturen hebben en ook is geconstateerd dat de aandacht voor de Nederlandse cultuur  – als referentiekader – ontbrak. Genoemde elementen die een positieve bijdrage leveren aan de doelstelling van Festival Mundial zijn: feest, muziek, eten en drinken, de organisaties die aan het festival meedoen, de openheid en ongedwongen sfeer die er hangt en het open - in de zin van buitenlucht - gebeuren van het festival.

 

De stap naar het bestuderen van de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur van buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers wordt in de interviews gezet door de vraag over de MundialReismarkt.

 

Uit de interviews bleek dat er veel interesse was voor de reismarkt en dat de meeste deelnemers zich er goed thuis hebben gevoeld. De teneur van de gestelde vragen blijkt echter tamelijk oppervlakkig te zijn geweest. De echte gesprekken over culturen kwamen tot stand, doordat de bezoekers de organisatie kenden of klantgericht werden aangesproken. Daarbij wordt ook gezegd dat de publiciteit - dat men hier vragen over andere culturen kon stellen - beter had gekund.

 

De culturele help-desk functie (waar speciaal aandacht voor is in hoofdstuk 4) van de MundialReismarkt - een functie die voortkomt uit het idee achter dit afstudeeronderzoek en de basis voor de case-studie - komt er op het eerste gezicht niet uit. Het bleek immers niet zo te zijn dat deze gereserveerde ruimte op het festivalterrein gebruikt werd door Nederlanders en Buitenlanders om eens lekker wat kennis over buitenlandse cultuur uit te wisselen. De centrale vraag in deze paragraaf is echter of de MundialReismarkt voldeed als basis voor de case-studie? In eerste instantie zou hierop dus negatief geantwoord moeten worden, want het idee achter dit afstudeeronderzoek heeft niet geleid tot een significante toename van contact tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers tijdens de MundialReismarkt. Geen van de respondenten heeft dit waargenomen. Aan de andere kant heeft de MundialReismarkt wel gezorgd dat dertien van de achttien participanten deelnamen aan de interviews van de case-studie. In dit onderzoek worden zij aangesproken op expertise over culturen en vakantie. Het is verdedigbaar te stellen dat ze niet zouden hebben meegedaan, indien zij niets zouden zien in dit onderzoek naar de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur en de vooronderstelde interactie tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers. Geconcludeerd kan daarom worden dat het idee achter de MundialReismarkt in theoretische zin is uitgekomen.

 

3.3       Inleiding: hoedanigheid van cultuur- en vakantieexperts

            en de onderzoeker-interviewer

 

Gezien de ambitie van de MundialReismarkt, waarbij organisaties op een plein verenigd worden om antwoord te geven op vragen van bezoekers van het festival over verantwoord reizen en andere culturen, is het eigenlijk al zo dat alle participanten zich automatisch hebben geselecteerd voor dit onderzoek. Zij hebben immers gereageerd op de organisatie die hen aanspreekt op cultuur- en vakantiedeskundigheid, als vermeld in de wervende brief (bijlage I, waarin gesproken wordt over een informatieve tocht langs organisaties die zich bezig houden met verantwoord toerisme en met kennis over buitenlandse cultuur). Maar, zoals in de inleiding van dit hoofdstuk gezegd, voor de informatiewinning in deze case-studie is het van essentieel belang dat daadwerkelijk contact is gelegd met deskundigen op het gebied van cultuur en vakantie. Om geen twijfel te veroorzaken op dit punt wordt daarom geanalyseerd of de respondenten die deskundigheid bij zichzelf herkennen. De gesprekken worden geanimeerd door het begrip toeristisch kapitaal (paragraaf 2.2.2 ) - ofwel de kennis en kunde om, mits cultuurgericht, cultuur op vakantie te kunnen beleven - en door in te gaan op het vijfde bestaansrecht van reisorganisatoren (paragraaf 1.3.2.1).

 

3.3.1       De culturele kennis van de vakantieganger en van de reiswereld (interviews)

 

De cultuurgerichte kennis en kunde van de vakantiegangers

Petra Prins vindt de kennis en kunde van de Nederlanders met hun caravans “heel goed”. Ze gaan zelfstandig naar Tsjechië en hebben geen moeite om met de mensen in contact te komen. Dit ondanks het feit dat de meeste Tsjechen geen Westerse taal spreken. Michel Ranzijn relateert zijn visie op toeristen aan de doelstellingen van de eigen organisatie. “Wie met ons op reis gaat kan vakanties boeken bij eco-boeren in bijna alle Europese landen, waarbij veel aandacht wordt gegeven aan het respect voor cultuur en natuur.” Hij ziet het toeristisch kapitaal dan ook als iets dat verdedigd moet worden: “Costa Rica moet er op toezien dat haar natuur behouden blijft”. Het optimaal beleven van een vakantie gebeurt naar zijn idee, "door alles te beleven zoals het komt". Dit gedrag wordt wat genuanceerd met de opmerking, dat je als Westerling voordelen hebt door onder meer goed verzekerd te zijn. Ook reiservaring en het inlezen vindt Michel belangrijk. “Vaak geeft literatuur inzicht in de cultuur.”

 

De respondenten vinden het vooral belangrijk dat de vakantiegangers de normen en waarden van een cultuur leren kennen. Daarbij kijken zij heel verschillend naar het cultuurgerichte toeristisch kapitaal van de reizigers. “Men bereid zich goed voor en wil wat leren. De lokale cultuur wordt dan later op reis beter begrepen en dat wordt als prettig ervaren”, zegt Pim van Heijst. G.J. van Dam is een andere mening toegedaan: “Om het maar eens plat te zeggen. De reizigers hebben in de huidige Nederlandse samenleving gewoonweg geen tijd meer om zich goed te informeren. Daarom moeten wij ons huiswerk dus goed doen”.

 

Om de waarden en normen van een cultuur over te dragen aan de reizigers worden tal van initiatieven ontplooid. Zo worden informatiedagen georganiseerd; wordt eigen informatie door de organisaties schriftelijk opgesteld - soms met titels van boeken, die mensen kunnen doorlezen om zich verder in de materie te verdiepen - en wordt gestimuleerd om aan taalcursussen deel te nemen. “Je gaat gewoon niet met je rug naar een Boeddha beeld staan”, vertelt Carla Scholte en wijst erop dat men te gast is in een andere cultuur. Kees van Tefelen heeft eind jaren tachtig samen met onder meer Frans de Man een symposium georganiseerd voor de reiswereld: ‘Voorlichting en informatie voor toeristen naar de derde wereld’. Ook hebben ze in die jaren samen de organisatie ‘Informatie Verre Reizen’ opgezet. Het achterliggende motief hiervan was, dat het verstandig is mensen goed te informeren. De ‘te gast in’ boekjes zijn hier een resultaat van en worden door veel reisorganisatoren aan de reizigers meegegeven. De verhalen gaan in op praktische dingen, vertelt Pim van Heijst: “We vertellen over de klamboe of het muskietennet, over de zonnebrand, maar ook over te korte rokjes”.

 

Het Medisch Comité Nederland Vietnam organiseert geen reizen, maar geeft informatie over het land en beschikt over een eigen documentatieruimte. Anneke Oosterhuis stelt dat hoe meer je van een cultuur weet, over de geschiedenis, het volk, het eten, hoe meer plezier je aan de vakantie beleeft: “Hoe minder storend, hoe meer plezier. Door een korte broek te dragen beledig je de Vietnamezen. Ze hebben het beeld dat je als Westerling rijk bent. Een korte broek is een teken van armoede”. In de ‘te gast in’ boekjes wordt aan de hand van bepaalde onderwerpen, het dagelijks leven in andere culturen beschreven. Kees van Tefelen: “Het is goede zaak als de toerist er een beetje van op de hoogte is, hoe het er in een land aan toe gaat. Iets weet over de manier van leven, hoe men daar naar de Westerse toeristen kijkt, de omgang met mensen in het algemeen”. De gedachte van Anneke Oosterhuis wordt door hem gedeeld: “Realiseer je, dat je toerist bent”, waarmee aangegeven wordt dat het ‘zijn’ van een Westerse, Nederlandse vakantieganger bepaalde verwachtingspatronen van de lokale bevolking met zich meebrengt.

 

Het vijfde bestaansrecht van de commerciële reisorganisatoren

De initiatieven om de reizigers ertoe te bewegen zich goed voor te bereiden op een reis worden gedeeltelijk ook genomen om de mensen op hun eigen verantwoordelijkheden te wijzen, zo blijkt uit de gesprekken. Carla Scholte vindt dat toeristisch kapitaal op een bepaalde manier natuurlijk wel commercieel is: “Er zijn de laatste twintig jaar meer ideële doelen als informatie over gedragscodes met betrekking tot fotograferen en andere zaken bijgekomen, maar commercieel is het ook”.

 

Siebe Snoeren: “Wij nemen een hele hoop tijdrovende zaken - bijvoorbeeld de aankoop van buskaartjes - weg. De mensen houden zo meer hersenenergie over om hun toeristisch kapitaal verder te ontwikkelen”. Deze strekking kwam vaak naar voren tijdens de gesprekken. Kees van Tefelen vindt het weliswaar jammer dat de mensen die maar enkele weken weg kunnen het zoekproces naar de buskaartjes moeten missen, maar hij is het er wel mee eens dat het een grote verdienste kan zijn om dit vooraf te organiseren. “In China is dat bovendien heel moeilijk.” Uit zijn woorden valt op te maken dat er veel toeristisch kapitaal bij de reisleiders aanwezig moet zijn, daar zij middels hun intermediaire functie de brug slaan tussen de lokale bevolking en de reizigers.

 

G.J. van Dam ziet ook mogelijkheden voor onder meer de overheid, om raad te vragen aan de reiswereld: “In Zaïre bijvoorbeeld, daar waren we goed op de hoogte”. Ook wordt het vijfde bestaansrecht gezien als wapen tegen de concurrentie van de digitale snelweg. Het is tegenwoordig immers mogelijk om zonder tussenkomst van de reiswereld, via internet, te boeken in alle uithoeken van de wereld. Het nieuwe extra bestaansrecht – met een soort keurmerk op basis van de garantie voor de verantwoorde manier van reizen – kan reden geven aan potentiële vakantiegangers om toch via de Nederlandse organisaties te blijven reserveren.

 

“We hebben inzicht in de markt, in elk geval een idee over wat de reiziger enthousiast maakt”, vertelt Pim van Heijst. Dit wordt aangevuld door G.J. van Dam die vertelt dat de praktische en parate kennis in de reiswereld zeker aanwezig is. Dat komt volgens Van Dam, omdat ze veel contact hebben met de reisleiders via de Fax, e-mail of telefoon: “Wij koppelen de vervoersmogelijkheden, het verblijf en de te ondernemen activiteiten aan de wensen van de consument”. Siebe Snoeren meldt tussendoor, dat faxen uit Birma nog steeds moeilijk is: “Alleen uit de hoofdstad”. Ook legt hij uit dat de reizigers in Nairobi aangeraden wordt een taxi te nemen en men in Nepal de mensen zonder vrees op een dropping uitstuurt: “Daar kun je de mensen gewoon in het diepe gooien”. Tegenover al die expertise stelt Anneke Oosterhuis, “dat misschien een aantal reisorganisatoren wat afweten van Vietnam, maar dat zeker in het begin zomaar wat begonnen werd, omdat vakantiegangers er kennelijk heen wilden”.

 

Ondanks dat het MCNV zelf dus geen reizen organiseert is het verstrekken van toeristische informatie wel een inkomstenbron voor het medisch-comité geworden: “Internet, daar zijn de ontwikkelingen in Vietnam goed te volgen”. Tijdens het adviseren worden visies omarmd van organisaties die zich inzetten voor ontwikkelingssamenwerking en de bescherming van natuur en milieu. Verantwoord reizen organiseren betekent dus ook bepaalde dingen bewust niet laten doen door vakantiegangers, luidt de opvatting van de MCNV.

 

De reisorganisatoren maken duidelijk dat grondig aan de voorbereidingen van reizen wordt gewerkt. “Ook al bieden we bepaalde activiteiten facultatief aan, het huiswerk is wel gedaan”, zo zegt G.J van Dam. Vanuit deze invalshoek bezien is men het eens dat er op grond van hun kennis en kunde een extra bestaansrecht bestaat. De organisaties tonen die overtuiging zelf ook aan de buitenwereld door bijvoorbeeld voorlichtingsdagen te organiseren. Anoushka van Bemmel: “Het zijn flexibele Reizen, waarbij veel contact is met de lokale bevolking. Door oorlog in Zaïre moet je ineens via Zambia en Kameroen. Niet iedereen kan op die manier reizen”. Bij een andere reisorganisatie besloot de reisleider de route wat te wijzigen, maar wel door Zaïre te gaan. “Een net ander tijdstip en we kennen de route goed. We rijden met eigen vrachtwagens”, zo vertelt G.J van Dam. Petra Prins vindt dat de meeste reisorganisatoren goed op de hoogte zijn. Ook wordt veel gebeld voor informatie over bijvoorbeeld evenementen, schoolsystemen en cultuur. “Ja, sommige informatie van reisbureaus is te oud. Het is zes of zeven jaar geleden dat de toerist elke dag 7000 kronen in Tsjecho-Slowakije moest uitgeven.”

 

3.3.2       De culturele kennis van de vakantieganger en de reiswereld (enquête-interviews)

 

De cultuurgerichte kennis en kunde van de vakantiegangers

“De Nederlander vraagt alle mogelijke brochures op, koopt gidsen, kijkt - ook op mijn advies - steeds vaker op internet en komt na maanden tot een selectie.” Ze zijn in Nederland dus al zeer bewust bezig met de reis, aldus Sally Withward. De mening van Frans de Man staat hier lijnrecht tegenover. Hij vindt dat toeristen alleen maar bezig zijn met, “daar recreëren. Mijns inziens is het allemaal heel ver gezocht”. Saskia Zondag ziet toeristisch kapitaal als de kennis van de cultuur van een land: “Het is de kunde om je hiermee aan te passen aan die cultuur”.

 

Het vijfde bestaansrecht van de commerciële reisorganisatoren

Frans de Man sluit zich aan bij de vier bestaansrechten van de reisorganisator en vindt het vijfde bestaansrecht op basis van de toeristisch kapitaal gedachte: “Onzin”. Saskia Zondag heeft haar bedenkingen: “Bij iedere vorm van toerisme gaat het uiteindelijk toch om de klant”. Ook vermeld ze dat verantwoordelijke omgang met toeristisch kapitaal - als de accumulatie hiervan al een factor is die de vier van Van Eijken aanvult - nog geen garantie biedt voor het bestaansrecht van de lokale bevolking. Hiermee wekt ze de suggestie, dat de commerciële belangen van de ‘eigen’ organisatie doorslaggevend kunnen zijn voor de wijze waarop het toeristisch kapitaal wordt ingezet.

 

Sally Withward laat er geen twijfel over bestaan dat de organisatie gesterkt wordt door de aanwezige kennis en kunde op het gebied van Zuidelijk Afrika: “Je kunt je hier in Nederland wel voorbereiden op Afrika, maar hoe Afrika echt is, dat weten wij”. Keer op keer krijgt ze brieven met de meest onstuimige routes door Zuid-Afrika. Die worden dan aangepast en teruggestuurd. “De mensen hebben vaak geen idee over de reistijden en de afstanden.”

 

3.3.3       Conclusies: hoedanigheid van de cultuur- en vakantieexperts en de onderzoeker-interviewer

 

Toeristisch kapitaal

 

Vanuit de informatiebehoefte van het onderzoek bezien, blijkt dat de theorie rond het toeristisch kapitaal in elk geval eenvoudig verwerkt is in de reacties van de meeste respondenten. De toeristisch kapitaal gedachte (paragraaf 1.3.2.1 en paragraaf 2.2.2) om de participanten aan de MundialReismarkt aan te spreken op hun cultuur- en vakantieexpertise heeft zich meteen bewezen in de voorselectie, want Attie Sijpkes van de meer ‘ontwikkelingsgerichte organisatie’ ICCO (de Interkerkelijke Organisatie voor Ontwikkelingssamenwerking) - die  recent met verantwoord reizen naar Palestina was begonnen en waar nog niet zo veel kennis is over de Nederlandse vakantiegangers - werd door de toeristisch kapitaalgedachte afgeschrikt. Hiermee accepteerde zij momenteel nog te weinig kennis te bezitten over de vakantiepraktijk om aan dit onderzoek deel te kunnen nemen. De anderen erkenden de cultuur- en vakantiedeskundigheid in huis te hebben en werkten mee.

 

Het vijfde bestaansrecht van de commerciële reisorganisatoren

 

Het bespreken van de visie over het vijfde bestaansrecht van reisorganisatoren diende ertoe om de aanwezige cultuur- en vakantieexpertise zo informatief mogelijk te gebruiken in het kader van dit onderzoek. De commerciële reisorganisatoren reageerden enthousiast op het nieuwe bestaansrecht en kwamen met allerlei voorbeelden, waarmee ze blijk gaven van hun kennis over vakantie en culturen. Toch waren er ook bedenkingen: “Bij iedere vorm van toerisme gaat het uiteindelijk toch om de klant”, waarbij gealarmeerd is dat zelfs verantwoordelijke omgang met toeristisch kapitaal door een reisorganisator richting één partij (de klant), nog geen garantie hoeft te bieden aan het bestaansrecht van de lokale bevolking tijdens een cultuurreis. Kortom, om een vijfde bestaansrecht te verdienen dient die deskundigheid wel in praktijk gebracht te worden. Dat is wat eveneens is verlangt in dit onderzoek en werd dus dubbel onderstreept door die vraag over het vijfde bestaansrecht.

 

Interviewtechniek en de rol van de onderzoeker-interviewer

 

De dertien respondenten zijn als vakantie- en cultuurdeskundigen aangesproken door de onderzoeker-interviewer. Voor het contact met de respondenten was de literatuurstudie al grotendeels afgerond en daarom bestond er ook een goed idee over wat vakantie- en cultuurdeskundigheid inhoudt.

 

Over het algemeen waren de interviews zeer levendig, maar soms moesten vragen even worden ingeleid alvorens een reactie te kunnen noteren. Bijvoorbeeld bij het bespreken van de vraag over ‘het directe sociale contact door uitwisseling van kennis en kunde over buitenlandse cultuur’ (vijfde hoofdstuk) viel wel eens een stilte. De onderzoeker zei dan bijvoorbeeld:

“Niet naar buiten toe denken, niet op reis, maar over uitwisseling van culturele kennis in Nederland zelf. Soms wordt in de krant gewezen op een tweedeling in de Nederlandse samenleving, daar probeert dit onderzoek iets aan te doen. Kijk, Nederlanders kunnen natuurlijk veel van buitenlanders leren als ze op vakantie gaan. Buitenlanders kunnen als ze de link met de toeristische belangstelling van de Nederlander leggen in Nederland lekker leven en veel dingen doen die daarop aansluiten”.

                Op andere momenten was het geen stilte die een inleiding door de onderzoeker verlangde, maar leek er wat huiver bij de respondent te bestaan om in vrijheid, en op basis van eigen deskundigheid, te antwoorden. Dan werd door de onderzoeker-interviewer het exploratieve karakter van dit onderzoek benadrukt en gesproken over het in kaart brengen van een nieuw probleemgebied en dat het nooit de intentie is iemand of een bepaalde organisatie op enige manier in een kwaad daglicht te stellen. Ook kwamen er - naar mate het onderzoek vorderde - steeds meer voorbeelden uit voorafgaande gesprekken met respondenten naar voren en soms werd gezegd, dat “tegenover u geen echte Nederlandse onderzoeker zit, want mijn moeder is Italiaanse, uit het zuiden”. Dit hadden de respondenten, op hun beurt, dan meestal al wel gezien.

 

Naar stellige overtuiging van de onderzoeker-interviewer kan geen aanleiding worden gevonden om aan te nemen dat de respondenten te veel zijn beïnvloed door de gebruikte betrokken stijl van interviewen. Informatiewinning stond voorop. Zeker ook, omdat het een lange tocht was geweest om via de MundialReismarkt eindelijk de gezochte expertise te bereiken. Bovendien, stel dat op enig moment suggestief zou worden doorgevraagd, dan is het zonder meer te verwachten dat de respondent in de hoedanigheid van cultuur- en vakantieexpert daar raad mee weet.

 

3.4       Conclusies evaluatie aannamen onderzoek

 

Twaalf cultuur- en vakantieexperts

 

In dit hoofdstuk is geconcludeerd, dat het idee achter de MundialReismarkt theoretisch is uitgekomen, want dertien respondenten zijn gevonden om aan het praktijkgedeelte van het afstudeeronderzoek mee te doen. Al snel bleven er hiervan twaalf respondenten over, die aan de gewenste hoedanigheid van cultuur- en vakantieexpert konden voldoen. Een respondent moest afhaken, omdat die organisatie zelf vond nog niet genoeg te weten over de vakantiepraktijk.

 

Frans de Man is het gehele onderzoek kritisch en is soms kortaf in de enquête-interviews. Frans de Man heeft echter een uitzonderingspositie binnen de groep aan cultuur- en vakantiedeskundigen. Hij is namelijk in 1997 uitgegroeid tot een autoriteit in Nederland op het gebied van vakantievraagstukken, en dan met name met betrekking tot vragen over de omgang met buitenlandse cultuur. Zo is hij, zoals eerder vermeld, eind jaren tachtig bijvoorbeeld al initiatiefnemer van de ‘te gast in’ boekjes. De Man participeerde aan de MundialReismarkt met ECPAT, een organisatie die zich inzet om kinderprostitutie te helpen bestrijden. Afkeer van het vijfde bestaansrecht van de reisorganisatoren, op basis van het door hen geaccumuleerde toeristische kapitaal - “onzin” - is dan ook te verklaren, doordat er vanuit ECPAT kritiek op sommige reisorganisaties kan zijn.

 

Aannamen buitenlandse cultuur

 

Een aantal respondenten nuanceren in de komende hoofdstukken de aandacht voor de oorspronkelijke cultuur van de buitenlanders, waarbij ook gesteld wordt dat de interesse per generatie kan verschillen. Anneke Oosterhuis wijst er in dit verband op dat de eerste generatie uit Vietnam in Nederland vooral de eigen mentaliteit koesterde. De 2e generatie heeft echter wel weer meer interesse, zo vertelt ze. Kees van Tefelen komt eveneens met een onderscheid tussen de eerste- en tweede generatie buitenlanders. Hij veronderstelt dat de eersten toch wel gedeeltelijk hun cultuur behouden, maar dat bijvoorbeeld Festival Mundial vooral voor mensen van de tweede generatie een opkikker moet zijn. “De tweede generatie geneert zich misschien, maar als ze de belangstelling zien dan krijgen ze vast meer zin om cultuurelementen te (her-) ontwikkelen.” De interesse voor buitenlandse cultuur van de vakantiegangers wordt in twijfel getrokken door Frans de Man. Met betrekking tot de respectvolle omgang met cultuur merkte hij in dit hoofdstuk op, dat er meer verschillen zijn tussen Nederlanders onderling dan tussen sommige groepen Nederlanders en buitenlanders. Hij stoorde zich niet aan de aanname dat buitenlanders interesse hebben voor buitenlandse cultuur, maar wel aan het idee dat Nederlandse vakantiegangers interesse hebben voor andere culturen: “Vakantiegangers, recreëren alleen maar”.

 

In algemene zin kan gezegd worden dat niemand zich stoorde aan het onderscheid Buitenlanders – Nederlanders en dat iedereen meeging in de veronderstelling, dat beide groepen interesse hebben in buitenlandse cultuur. Er waren hoogstens wat gezonde nuances.

 

Interviews en enquête-interviews

 

In de case studie is een onderscheid gemaakt tussen interviews en enquête-interviews, omdat sommige respondenten bij voorkeur schriftelijk reageerden. Voor de weergave van de informatie is deze onderverdeling aangehouden, waaruit is gebleken dat de informatiewinning bij de cultuur- en vakantieexperts op beide manieren verrijkend is geweest.

 

 

 

 (pagina 30 van 60 pagina's print-totaal)

 

 

 

 

 


 

 

HOOFDSTUK 4: DE CULTURELE HELP-DESK FUNCTIE

        van de MundialReismarkt

 

4.1       Inleiding

 

Vragen naar aanleiding van de culturele help-desk functie van de MundialReismarkt:

- worden buitenlanders die in Nederland wonen beïnvloed door de interesse voor buitenlandse cultuur van de Nederlandse vakantiegangers;

- worden Nederlandse vakantiegangers beïnvloed door de interesse voor buitenlandse cultuur van de buitenlanders die in Nederland wonen?

 

De MundialReismarkt heeft als functie om op één locatie te kunnen bestuderen of interactie plaatsvindt tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers. Door de creatie van de culturele help-desk functie van de MundialReismarkt is het mogelijk geworden om met de respondenten in te gaan op de vraag of kennis over een gezamenlijke interesse - buitenlandse cultuur - wordt uitgewisseld.

 

Dit deel van de interviews voorziet in een eerste inzicht over de mate waarin buitenlanders en Nederlanders hun kennis en kunde over buitenlandse cultuur uitwisselen. Niet persé via sociaal contact, maar gewoon wat op de een of andere manier van elkaar overgenomen wordt. De vragen zijn in dit hoofdstuk dus toegespitst op de artificiële werkelijkheid van Festival Mundial en meer in het bijzonder op de vraag of buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers elkaar ontmoeten op de MundialReismarkt.

 

4.2.1       Door Festival Mundial krijgen mensen (Nederlandse vakantiegangers) zin om te reizen en andere culturen, te leren kennen, omdat .. .(interviews)

 

Tijdens het interview is na voorgaande zin het theoretisch antwoord gegeven: cultuurgericht toeristisch kapitaal geaccumuleerd wordt (= conditie) met betrekking tot het optimaal beleven van ‘authenticiteit’ op vakantie. Hierbij wordt reeds opgedane kennis en kunde aangevuld.

 

! Uit de literatuurstudie in het tweede hoofdstuk blijkt overigens, dat ook andere argumenten - dan de wens over een cultuur te leren - ten grondslag kunnen liggen aan de interesse voor buitenlandse cultuur. Hierbij kan gedacht worden aan dat de omgang met buitenlandse cultuur tegenwicht biedt aan de vervreemding van cultuur, dat het prestige kan opleveren binnen de sociale referentiegroep, of dat met cultuur bezig zijn gewoon ontspannend en gezellig kan zijn.

 

Anneke Oosterhuis: “Festival Mundial draagt bij aan verlangen dat al bestaat om te reizen en andere culturen te leren kennen”. De term ‘vage link’ doet haar intrede: “Misschien wordt men gestimuleerd door bijvoorbeeld het exotische eten, maar er is slechts een vage link”, aldus Pim van Heijst. Siebe Snoeren gaat verder en stelt dat bepaalde drempels worden weggenomen: “De reuk, de klanken, het ‘a-ha erlebnis’ nemen de angst voor het onbekende weg en men wordt nieuwsgierig naar andere culturen”. “Misschien wel. Ik krijg wel zin om naar Afrika te gaan”, zegt Petra Prins. Ze twijfelt of de mensen echt dingen leren. Michel Ranzijn denkt dat het mogelijk is door het contact met de mensen die hun organisatie presenteren, het eten, de muziek en dans en de dingetjes die te koop worden aangeboden. Volgens hem maakt de kleine informatie meer indruk dan de professionele muziek: “De drempels bij cultuurverschil verdwijnen”, meent hij. Om echt cultuurgericht toeristisch kapitaal te accumuleren, zou het naar zijn idee beter zijn om een aparte programmering toe te voegen over bijvoorbeeld cultuur en literatuur. Anoushka van Bemmel ziet het zo: “Mensen die absoluut geen interesse hebben in reizen. Die voelen zich minder thuis op Festival Mundial”. Volgens haar heeft muziek veel te maken met de beleving van een land. Hierbij wijst ze vooral op het herinneringseffect aan een land als India. “Wat op Festival Mundial te zien is helpt sommigen op weg”, concludeert ze. “De sfeer daar draait het om”, zeggen Carla Scholte en ook G.J. van Dam. Dat mensen er toeristisch kapitaal ontwikkelen gelooft Carla niet: “Normen en waarden van een cultuur kun je beter uit boeken leren”.

 

Kees van Tefelen ziet deze vraag vanuit persoonlijk perspectief precies andersom: “Door de huiselijke situatie van Festival Mundial herkennen mensen, die veel gereisd hebben, wat ze ver weg altijd zo leuk vonden. We hebben de cultuurverschillen en de entourage ervaren. Nu genieten we hier van hetzelfde”. Hij kan nu minder vaak op reis en voegt toe dat ook Festival Mundial niet kan voorkomen dat de eetcultuur van India en Thailand nog steeds door hem gemist wordt. “De belangstelling voor andere culturen neemt toe na het reizen. Zo weet ik dat onze ‘te gast in’ boekjes achteraf heel anders gelezen worden dan vooraf, dat achteraf pas echte belangstelling bestaat voor zaken als eten, muziek, film en boeken.” Wel denkt hij dat er in algemene zin een link bestaat tussen de vragen naar bestemmingen en activiteiten op de MundialReismarkt en hetgeen op Festival Mundial zoal te ontdekken is geweest.

 

4.2.2       Door Festival Mundial krijgen mensen (Nederlandse vakantiegangers) zin om te reizen en andere culturen, te leren kennen, omdat...(enquête-interviews)

 

Frans de Man: “ze ermee geconfronteerd worden zonder de negatieve kanten ervan (hitte, diarree, malaria, stof, slecht eten, etc)”. De gedachte dat de mensen er toeristisch kapitaal accumuleren doet hij structureel af als “onzin”. Sally Withward en Saskia Zondag leggen de link bij de vakantiesfeer. “Je waant je in het buitenland”, zegt Sally Withward. Saskia Zondag: ”de horizon wordt verbreed en zo kan iedereen de beperkte levenswijze in twijfel trekken”.

 
4.3.1      De link tussen de ontdekkingstocht op Festival Mundial en de vragen naar bestemmingen en activiteiten op de MundialReismarkt 1997...(interviews)

 

Pim van Heijst ziet linken tussen de exotische sfeer en de belangstelling voor reizen en cultuur. De meeste ‘echte’ belangstelling ging echter uit van de mensen die de organisatie al kenden of geïnteresseerd raakten in hun verantwoorde manier van reizen. “Wij organiseren vakanties en werken samen met projecten van ontwikkelingsorganisaties of bijvoorbeeld een non-gouvernementeel project. Daar weten ze dat we komen, hoe lang en wanneer en de projecten ontvangen hierbij een vooraf afgesproken bedrag. Uit eigen onderzoek weet ik dat oeroude culturen niet zomaar door toeristen worden overlopen, maar wat is er eigenlijk tegen cola? Culturen ontwikkelen zich. Nu is het wel zo, dat soms hele gemeenschappen maanden van slag zijn door het onverwacht bezoek van een rugzaktoerist. Aan de andere kant komt het ook voor dat hele streken juist met groot genoegen een soortgelijke verschijning bespreken. Maar in elk geval zijn wij op onze projecten welkom. We willen met onze manier van reizen de projecten ondersteunen en de lokale bevolking laten kennis maken met toeristen. Daarnaast willen we de reizigers - behalve de mooie bezienswaardigheden - ook het echte leven in het land laten zien”. Een festivalbezoeker die dit te horen krijgt, zal zeker meer interesse hebben gekregen in andere culturen en daarnaast ook nog in internationale samenwerking.

 

Op de MundialReismarkt waren een aantal VAR-deelnemers aanwezig: Vereniging van Avontuurlijke Reisorganisatoren. “Wij organiseren over de hele wereld en - voordat er een nieuwe reis wordt opgenomen in de brochure wordt er eerst een proefreis gemaakt. Oude klanten worden dan aangeschreven om met een reisleider op ontdekkingstocht te gaan”, zo vertelt Anoushka van Bemmel. Anderen kiezen ervoor eerst zelf de reis op papier te maken en aan te vullen met tips van reisleiders. Daarna gaat iemand uit de organisatie veldwerk doen, waarna de reis in de programmering kan worden opgenomen. Over het algemeen kwamen ook hier de meeste bezoekers in contact met de standhouders, omdat ze de organisatie kenden of en omdat ze werden aangetrokken door de stimulus-respons borden, waarop de reisbestemmingen staan vermeld.

 

Landenspecialisten als het MCNV en het Tsjechisch Centrum krijgen de meeste vragen over hun land en de activiteiten die er ondernomen worden. Dit neemt niet weg dat ook hier door de respondenten met name de klantgerichtheid als verklaring wordt genoemd voor het contact met de bezoekers van het festival. Dit gebeurt bijvoorbeeld via ludieke acties, zoals bij het Medisch Comité Nederland Vietnam, waar bij de aankoop van een klamboe meteen een muskietennet aan iemand in Vietnam cadeau werd gedaan. Bij de marktkraam van Tsjechië kwamen veel kind- en caravanvragen en werd ook geïnformeerd naar cultuurprogramma’s en andere evenementen. De mensen van ‘kamperen bij de ecologische boer’, die in hun stand ook folders hadden uitgestald van organisaties die ‘verantwoord buiten Europa’ organiseren kregen de meeste vragen over verre bestemmingen: “Heel veel belangstelling voor landen die we zelf niet hadden”. Zo wordt duidelijk, dat er net als bij Festival Mundial veel aandacht is voor Afrika. “Maar ook voor Costa Rica en Zuid-Amerika”, aldus Anoushka van Bemmel. “Ecuador en Indonesië”, zegt Pim van Heijst.

 

4.3.2      De link tussen de ontdekkingstocht op Festival  Mundial en de vragen naar bestemmingen en activiteiten op de MundialReismarkt 1997... (enquête-interviews)

 

“De mensen zijn een dagje uit en willen gewoon wat rond kijken.” Sally Withward vindt dat de link niet bestaat. Toch beaamt ze, dat er veel interesse was voor Zuid-Afrika en voor de andere landen in Zuidelijk Afrika: Botswana, Namibië, Zimbabwe en Mozambique. Maar op de activiteiten werd niet al te diep ingegaan: “Hoe moet ik daar naar toe, het landschap, het weerbeeld en de kosten”. Saskia Zondag kreeg vragen over werkvakanties in landen die zij niet in het programma hebben. Ze zijn niet echt gespecialiseerd in vragen over Afrika, Azië en Zuid-Amerika en ging er daarom van uit dat de link wel bestond: “Een aantal organisaties boden wel de juiste bestemmingen, al konden wij helaas niet de juiste activiteiten aanbieden”.

 

4.4.1      Door Festival Mundial worden buitenlanders gestimuleerd om bepaalde cultuurelementen in Nederland te (her-)ontwikkelen, om­dat... (interviews)

 

Het theoretisch antwoord was het volgende: men zich bewust kan oriënteren (= conditie) in de ontvangende samenleving (Wat kan?, Waar is belangstelling voor?) met betrekking tot het folkloriseren van cultuurelementen. Hierbij wordt een beroep gedaan op de culturele bagage die meegenomen is, en wordt, uit het land van herkomst.

 

Natuurlijk worden eerst min of meer spontane reacties op de vragen afgewacht, maar dan moet je als onderzoeker-interviewer toch soms de antwoorden wat op gang helpen. Dit leverde in het kader van deze vraag een aardige anekdote op in samenwerking met Carla Scholte: ik vertelde haar dat we tijdens de afbouw van het festival veel zijn geholpen door het asielzoekerscentrum in Oisterwijk. Een jongen, Ibrahim uit Sierra Leone, was druk in de weer met grondplaten toen hij plotseling opveerde en wegsprintte. Een mol kwam kijken of Ibrahim, die gewoonlijk allerlei wilde beesten gewend moet zijn geweest, ook kennis met hem wilde maken? Langzaam kwam hij terug toen hij zag dat wij niet echt bang waren en collega Theo het beestje zelfs durfde oppakken. Carla kwam toen met het voorbeeld, dat zij een Afrikaan uit een malariagebied kende die bij het zien van de muggen in Nederland meteen een muskietennet dacht nodig te hebben.

Carla Scholte vond overigens dat ze niet zo goed in de huid van buitenlanders in Nederland kon kruipen om te kijken of zij door Festival Mundial gestimuleerd worden om bepaalde cultuurelementen te folkloriseren. Ook Siebe Snoeren kon, eveneens nadat het theoretische antwoord was gegeven, niet echt iets zeggen, maar G.J. van Dam vond het allemaal wel erg logisch klinken.

 

Anneke Oosterhuis denkt dat de mensen zien waar belangstelling voor is en denken, dat kan ik ook doen. “Nederlanders zitten in het buitenland ook vaak op het niveau van tulpen, molens, kaas en appelstroop.” Na het horen van het theoretisch antwoord valt uit haar woorden op te maken dat mensen uit Vietnam speciale buitenlanders zijn. De meesten zijn gevlucht in 1975: “Met hun opvattingen - waarbij een leraar niet veel hoeft te verdienen, maar wel als crème de la crème wordt gezien - hebben ze het in Nederland goed gedaan”. Zeker de eerste generatie Vietnamezen blijkt een soort wrok naar het oude thuisland te koesteren. Om in Nederland een nieuw leven op te bouwen hebben zij vooral steun bij zichzelf gezocht, waarbij eigen cultuurelementen vooral in de mentaliteit (gedragscodes, inleiding paragraaf 2.3). herkenbaar zijn gebleven. Kees van Tefelen komt eveneens met het onderscheid tussen de eerste- en tweede generatie buitenlanders. Hij veronderstelt dat de eersten toch wel gedeeltelijk hun cultuur behouden, maar dat Festival Mundial vooral voor mensen van de tweede generatie een opkikker moet zijn: “De tweede generatie geneert zich misschien, maar als ze de belangstelling zien dan krijgen ze misschien meer zin om cultuurelementen te (her-)ontwikkelen”. “Een mengsel uit verschillende muziekstijlen, het (her-)ontwikkelen van muziek en dans, dat denk ik wel”, zegt Pim van Heijst. 

 

“Naar een restaurant uit Burkina Faso, daar zou ik heen gaan”, stelt Petra Prins na het zien van al die muzikanten uit dit land tijdens het festival. Na een confrontatie met de theorie blijkt dat het voor de Tsjechische Petra Prins niet zo eenvoudig is om zich te oriënteren in de Nederlandse samenleving, omdat altijd gehinkeld moet worden op het verlangen naar de eigen identiteit en de noodzaak tot aanpassen. Ze vertelt dat Nederlanders tolerant zijn en dat buitenlanders over het algemeen goed worden behandeld, maar dat Nederlanders toch vaak een gevoel bij haar achterlaten van ‘je moet nog op ons niveau komen’. Kortom, bij de oriëntatie in de ontvangende samenleving speelt de interpretatie van het beeld wat men van elkaar heeft mee in de manier waarop men zich uit. Hinkelend of niet?

 

Michel Ranzijn heeft er zijn twijfels over, maar denkt na het antwoord uit de literatuur dat de mogelijkheid voor kopieereffecten bestaat: “Vietnamees restaurant interessant, Somalisch dan misschien ook. Je weet alleen niet of dat de goede weg is. Parallel aan wat je ziet. Maar er is natuurlijk nog veel meer dan op Festival Mundial. Buitenlandse mensen leren veel van elkaar”. Hij neemt aan dat buitenlanders vooral oriëntatieve kennis en kunde bij de buitenlanders zelf ontlenen: “De vraag is of dat spreekt voor wat in Nederland kan?”

 
4.4.2      Door Festival Mundial worden buitenlanders gestimuleerd om bepaalde cultuurelementen in Nederland te (her-)ontwikkelen, omdat... (enquête-interviews)

 

Saskia Zondag schrijft dat “zij op die manier kennis kunnen maken met de openheid van Nederland”. “Omdat ze zien dat Nederlanders zich best wel geïnteresseerd kunnen opstellen”, aldus Frans de Man. Sally Withward, die regelmatig in Zuid-Afrika is om groepen te begeleiden, stelt echter wel - nadat ik haar heb gewezen op de Afrikaanse inrichting van het huis - dat het afhangt van verschillende zaken buiten Festival Mundial om: ”Stel, er is een grote gemeenschap hier in Nederland, dan stimuleer je elkaar en zijn er meer mogelijkheden om de oude cultuur in stand te houden. De liefde voor het geboorteland delen, maar ook geld is belangrijk”.

 

4.5       Interactie door culturele help-desk functie MundialReismarkt

 

De invloed op kennis en kunde; de interesse voor bepaalde vakantiebestemmingen

 

Festival Mundial draagt bij aan het verlangen van de vakantieganger om te reizen en andere culturen te leren kennen. Dit komt onder meer door de sfeer, de reuk van het festival, waarbij de muziek nieuwsgierigheid opwekt en vanwege het feit dat de vakantieganger met andere culturen geconfronteerd wordt zonder de negatieve kanten van reizen. Bij ervaren reizigers spelen bovendien gevoelens van herinnering op door de culturele indrukken, die opnieuw beleefd worden: “We hebben de cultuurverschillen en de entourage ervaren’’.

 

De attractie van de presentaties op de MundialReismarkt wordt door de participerende organisatie in eerste instantie vooral aan zichzelf toegeschreven: een presentatie over reizen naar een bepaald land ontvangt vragen over reizen naar dat land. De organisaties zijn dan ook uitnodigend door attractief te vertellen over de manier waarop ze reizen organiseren. Opmerkelijk is wel dat sommige organisaties die niet actief zijn in Afrika – het continent dat de meeste aandacht krijgt tijdens Festival Mundial – bij vragen over veel bestemmingen ‘nee’ moesten verkopen. Ook wordt gesproken over ‘juiste’ activiteiten en ‘juiste’ bestemmingen. Het is daarom aannemelijk te constateren dat de link bestaat tussen de buitenlandse cultuurelementen op Festival Mundial en de vragen naar bestemmingen en activiteiten op vakantie.

 

De invloed op het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen

 

Er kan eveneens gesproken worden over een link tussen de buitenlanders die in Nederland wonen en de interesse voor buitenlandse cultuur tijdens Festival Mundial, zo is verondersteld. Buitenlanders die in Nederland wonen herkennen - door zich te oriënteren tijdens het festival - de tolerantie en de openheid van de Nederlandse multiculturele samenleving en kunnen er de brede belangstelling ervaren voor onder meer de eetcultuur, muziek en dans. Er wordt echter ook gesuggereerd dat de voornaamste invloed in dienst van het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen uitgaat van andere buitenlanders. Een tweetal respondenten maakt onderscheid tussen generaties. Aangenomen wordt hierbij dat met name de tweede generatie zich geïnspireerd zal voelen door de belangstelling tijdens Festival Mundial voor hun oorspronkelijke cultuur.

 

Petra Prins legt uit waarom oriëntatie in de ontvangende samenleving moeilijk kan zijn. Enerzijds moet men zich aanpassen en anderzijds wil men de oude cultuur - hoe fragmentarisch die dan ook wordt voortgezet – behouden. De tussenweg omschrijft zij als ‘hinkelen’. Hinkelen in de omgang met (de oorspronkelijke) cultuur.

 

Conclusie culturele help-desk functie

 

De deels, speciaal voor het bestuderen van interactie tussen Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen gecreëerde omgeving - de MundialReismarkt - heeft, zoals al eerder werd besproken bij de doelstelling van de reismarkt in hoofdstuk drie, niet het beoogde effect gehad dat beide groepen op die plaats kennis en kunde over buitenlandse cultuur uitwisselden. Als oorzaak is genoemd dat wellicht de publiciteit beter had gekund, dat men op dit terrein culturele kennis kon uitwisselen.

 

Aan het creëren van een kunstmatige omgeving waar kennis over buitenlandse cultuur kon worden uitgewisseld, ging de toenaderingsgedachte van dit onderzoek vooraf, waarin buitenlanders die in Nederland wonen op deze plaats van het festivalterrein de interesse voor buitenlandse cultuur van de Nederlandse vakantiegangers zouden kunnen waarnemen, waardoor de basis voor het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen kon worden gevoed; en Nederlandse vakantiegangers zouden door het contact met de buitenlanders die in Nederland wonen kennis kunnen opdoen over buitenlandse cultuur om hiervan later te kunnen genieten tijdens de vakantie in het buitenland. Dit alles natuurlijk onder de kapstok van Festival Mundial waar interesse voor cultuurverschillen gekweekt wordt.

 

Gesuggereerd is dat cultuurverschillen een drempel vormen in het dagelijks leven om toenadering tot elkaar te vinden (hier wordt op teruggekomen in hoofdstuk 5). Tijdens Festival Mundial worden bepaalde drempels om elkaar te ontmoeten weggenomen, waardoor interesse voor andere culturen en reizen toeneemt. Zo wordt door de respondenten gesproken over: “het ‘aha-erlebnis’, de angst voor het onbekende die wordt weggenomen, men nieuwsgierig gemaakt wordt naar andere culturen, dat cultuurverschillen verdwijnen en dat de horizon verbreed wordt waardoor iedereen de eigen beperkte levenswijze in twijfel kan trekken”. Kortom naast het feit dat wellicht de publiciteit voor de MundialReismarkt wat beter had gekund, kan geconcludeerd worden dat het animeren van contact tussen Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen niet eenvoudig is, omdat bepaalde barrières weerstand bieden aan het ontstaan van dit soort contacten, waarbij bijvoorbeeld informatie over buitenlandse cultuur wordt uitgewisseld.

               

Geconcludeerd kan worden dat tijdens Festival Mundial bepaalde culturele drempels weggenomen worden en dat mede daardoor tijdens de MundialReismarkt de invloed op elkaar lichtjes voelbaar is geweest. Zo is bijvoorbeeld geconstateerd dat Nederlandse vakantiegangers meer belangstelling tonen voor bestemmingen in Afrika; en dat buitenlanders die in Nederland wonen zich konden oriënteren voor het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen: “Het klinkt logisch”.

 

 (pagina 35 van 60 pagina's print-totaal)

 


 

 

 

HOOFDSTUK 5: UITWISSELEN VAN KENNIS

                                    OVER BUITENLANDSE CULTUUR via direct contact

 
5.1     Inleiding

 

Het vorige hoofdstuk had betrekking op de artificiële werkelijkheid van de MundialReismarkt, waarbij geconcludeerd is dat interactie maar in lichte mate plaatsvond tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers, omdat zij elkaar op de reismarkt misschien een beetje hebben beïnvloed in de omgang met buitenlandse cultuur. Het droombeeld van de MundialReismarkt, voorafgaand aan het contact met de respondenten, was natuurlijk dat beide groepen op die plek van het festivalterrein op overduidelijke wijze culturele kennis zouden uitwisselen. Dit kwam niet zo uit. Sommige respondenten suggereerden dat sociaal contact misschien eerder tot stand had gekomen, indien dit idee wat meer publiciteit had gekregen, daarnaast is ook de aandacht gevestigd op barrières voor cultureel contact. Deze worden weliswaar door Festival Mundial verminderd, maar het maakt het contact tussen Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen zeker geen vanzelfsprekendheid tijdens de MundialReismarkt. De opzet van de reismarkt is in het kader van dit onderzoek geslaagd, omdat duidelijk is geworden dat de respondenten zelf het idee van de MundialReismarkt begrepen. Sommigen kwamen bijvoorbeeld met tips om het idee beter uit te werken, zodat buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers misschien een volgende keer wel aan één tafel kennis over buitenlandse cultuur uitwisselen.

 

Teneinde tot een algemenere visie over interactie van buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers te komen, wordt met de respondenten besproken of het samenkomen - op basis van de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur – in de multiculturele samenleving plaatsvindt door middel van direct sociaal contact: in hoeverre is de interesse voor buitenlandse cultuur een conditie voor direct sociaal contact tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers, waarbij kennis over buitenlandse cultuur wordt uitgewisseld?

 
5.2.1       Sociaal contact met buitenlanders voor de accumulatie van toeristisch kapitaal (interviews)  

     

Michel Ranzijn denkt dat de Nederlandse vakantieganger informatie haalt bij de reisorganisatie of de ANWB. Behalve als je kennissen hebt: “Mijn vrouw is Duitse. En als de mensen dat eenmaal weten, dan komen er wel veel vragen”. Zelf ontmoet hij de meeste buitenlanders in het buitenland en ook de organisatie werkt met buitenlandse contactorganisaties die gewoon daar gebeld worden. Petra Prins is Tsjechische en maakt met betrekking tot toeristische kennis en kunde hetzelfde mee als mevrouw Ranzijn: “Als ze je kennen, dan wordt er veel over Tsjechië gevraagd”. Ze vertelt overigens dat uit hun statistieken blijkt dat 90 % via Nederlandse familie, vrienden en kennissen komen. “Die gaan soms met bijna een heel Nederlands dorp naar een dorp in Tsjechië, dat ik voorheen niet eens kende.” Zelf vragen ze niet veel aan de Tsjechische gemeenschap in Nederland, want die blijken vaak niet goed meer op de hoogte te zijn. Ze lezen zelf daarom de krant en er gaan vaak mensen van het bureau terug naar 'huis' en heel veel informatie komt dus van de pionierende Nederlanders, die in die kleine dorpen zijn geweest.

 

Anoushka van Bemmel zegt dat mensen het meeste leren via mond op mond reclame met Nederlanders: “Familie, vrienden en kennissen”. Zelf benaderen ze geen buitenlanders. De meeste informatie is afkomstig uit boeken en van de reisleiders: “Zij zoeken de mogelijkheden uit”. Carla Scholte denkt ook dat Nederlandse toeristen niet zomaar naar buitenlanders stappen met reisvragen: “Wel in de vriendenkring, maar voor de rest put men uit boekjes, de TV en uit wat kennissen zeggen”. Nieuwe reizen worden bij hun opgezet in samenwerking met organisaties in het buitenland die bijvoorbeeld excursies organiseren - ook wel ‘agenten’ genoemd - waarbij nadrukkelijk alle ideeën van de reisleiders worden meegenomen. Dezelfde werkwijze is herkenbaar bij de andere reisorganisatoren. Bij sommigen komt zelfs informatie los via drie reisbegeleiders: de eerste voor de praktische zaken, een lokale gids en ten slotte voor de bezienswaardigheden eentje om de geheimen van de te bezoeken projecten te onthullen. Ook wijst Pim van Heijst op de informatiestroom die vrijkomt bij reünies en uit de evaluatieformulieren. “Sommige van onze reizigers helpen zelfs mee met dia’s.” Hij denkt overigens wel dat de mensen, zeker na hun reis contact zoeken met buitenlanders uit het land dat ze op vakantie hebben bezocht. Siebe Snoeren denkt dat ook, maar zou het toejuichen als het vooraf ook gebeurt: “Wij doen dit zelf nauwelijks. We willen ons eigen enthousiasme over bijvoorbeeld de gemoedelijkheid en de spiritualiteit van het Verre Oosten zelf overdragen”.

 

De meeste reisorganisatoren menen dat voor de reis vooral boeken, televisie - Discovery - internet en familie en vrienden de aanduidingen naar de attractie verzorgen. “Logisch, want de Filippino’s zijn al lang hier en daar verandert veel”, zegt Pim van Heijst. Indien buitenlanders benaderd worden, dan gebeurt dit via ‘het circuit’ rond tijdschriften of via andere werkgroepen die in Nederland bestaan. “We maken dus niet echt gebruik van buitenlanders, maar in de praktijk onthoud je toch bepaalde dingen uit het circuit.”

 

Kees van Tefelen denkt ook dat er niet veel Nederlanders toeristisch kapitaal in samenwerking met buitenlanders ontwikkelen. “De verre reizigers zijn vaak hoog opgeleid en de buitenlanders niet. Ze zitten niet in elkaars vaarwater.” De meeste schrijvers voor de achtergrondverhalen vindt de organisatie in de reiswereld bij de reisleiders. “Vroeger maakten we meer gebruik van mensen uit werkgroepen en nu ook nog wel van ontwikkelingswerkers, journalisten en bijvoorbeeld antropologen.” Wel heeft hij heel graag buitenlandse schrijvers en schrijfsters: “Ik was echt trots op het verhaal over de wortels van de gastvrijheid in Turkije”. Anneke Oosterhuis: “Veel mensen zijn op vakantie in Turkije geweest, maar ze zoeken echt niet bij Turken in Nederland naar info”. Eigenlijk benadert ze zelf ook geen buitenlanders of het moeten buren of kennissen zijn. Vietnamezen zijn geïnteresseerd en dus gemakkelijk aanspreekbaar vindt Anneke, maar hebben meestal - zo bleek ook in het vorige hoofdstuk - niet zo veel band meer met hun land van herkomst. “De Engelstalige Vietnamese krant, Internet, contactpersonen in Vietnam en als er iemand van ons het land bezoekt. Dat houdt ons op de hoogte.”

 

5.2.2      Sociaal contact met buitenlanders voor  de accumulatie van toeristisch kapitaal (enquête-interviews) 

 

Sally Withward denkt dat vooral contact wordt gezocht als vakantiegangers iemand uit dat land kennen. Haar organisatie heeft een soort verkeersbureaufunctie op zich genomen en ze weet dat ‘mond op mond reclame’ het belangrijkst is. Dit naast de verhalen van kennissen en boeken. Zelf maken ze niet zoveel gebruik van Zuid-Afrikaanse contacten. “Als ik daar ben vraag ik iedereen de hemd van het lijf. Ben ik in Nederland, dan houd ik me up-to-date via internet.” Saskia Zondag betwijfelt of het gebeurt, maar “het zou goed zijn”. De vakantieganger heeft echter andere bronnen veronderstelt ze. Ook haar organisatie maakt niet echt contact met buitenlanders die in Nederland wonen. Het is niet nodig, want de cultuurgerichte kennis en kunde is al in huis te vinden, aangevuld met de informatie van partners in het buitenland en ex-deelnemers aan de programma’s.

 

5.3.1    Sociaal contact met Nederlanders (vakantiegangers) voor de accumulatie van oriëntatieve kennis en kunde die nodig is om cultuurelementen in Nederland te (her-)ontwikkelen  (interviews)

 

Bij sommige organisaties worden buitenlanders benaderd om bepaalde (her-)ontwikkelde cultuurelementen als dans en muziek te demonstreren en soms komt het contact met een muziekgroep tot stand via familiecontacten. Buitenlandse dansgroepen melden zich over het algemeen ook niet vanzelf aan, al vindt  G.J. van Dam het wel een leuk idee om zoiets te doen op een informatieavond. Siebe Snoeren heeft er over gedacht om folkloristische gezelschappen te benaderen bij de organisatie van de - van het Amsterdamse Tropeninstituut overgenomen - ‘reizigers informeren reizigers’ dagen. Dat bleek echter behoorlijk kostbaar. Het Medisch Comité Nederland Vietnam heeft bij de festiviteiten in het kader van 25 jaar MCNV een Vietnamese popgroep uit Nederland gevraagd en die zijn gekomen, evenals een Vietnamese hoofddocent van het conservatorium in Parijs.

 

Michel Ranzijn probeert zijn belangstelling voor buitenlanders die in Nederland wonen te laten zien, maar vindt dat buitenlanders soms ook wat moeilijk te benaderen zijn. Op zich ziet hij wel wat in de organisatie van ‘Buitenlanders informeren Reizigers’, als variant op ‘Reizigers informeren Reizigers’, waarbij buitenlanders dan de rol van ervaren reizigers zouden overnemen om mensen te informeren over een bepaalde cultuurreis. Kees van Tefelen moedigt buitenlanders aan te schrijven in de boekwerkjes en zij reageren daar ook op. Veel Tsjechen en Slowaken zoeken contact met het Tsjechisch Centrum. Dit centrum heeft behalve een toeristische functie natuurlijk ook betekenis voor de gemeenschap Tsjechen (en Slowaken) die in Nederland woont. Een bekend contact voor de organisatie is de door Nederlanders opgerichte ‘Vereniging van Vrienden van Tsjechië en Slowakije’. Eveneens worden veel in Nederland woonachtige Tsjechen uitgenodigd voor evenementen als Tsjech Press Photo in de Aula van het World Trade Centre in Amsterdam. Vaak worden artiesten en auteurs ontvangen, maar die wonen dan over het algemeen niet in Nederland.

 

5.3.2      Sociaal contact met Nederlanders (vakantiegangers) voor de accumulatie van oriëntatieve kennis en kunde die nodig is om cultuurelementen in Nederland te (her-)ontwikkelen  (enquête-interviews)

 

“Heel zelden bij voorlichtingsbijeenkomsten”, schrijft Saskia Zondag, presenteren buitenlanders demonstraties of werkzaamheden die passen bij de organisatie. Zelf benaderen ze tot dusverre geen buitenlanders. Ook bij de Zuid-Afrika specialist kloppen geen Zuid-Afrikanen aan de deur, maar er is wel over gedacht om een bepaald folkloristisch geheel aan te trekken. Wat afschrikt, is dat het nogal kostbaar is.

 

5.4.1        Arbeid: via uitwisseling van culturele kennis met buitenlanders die in Nederland wonen (interviews)

 

Er werkt bij de organisatie één Surinamer als allround reisleider. Carla Scholte vertelt dat het heel belangrijk is aan de Nederlandse gasten te denken, “die willen ook gezelligheid”. Ze hoeven niet persé van alles de hele dag door over een land te weten. Die mening is gebaseerd op ervaring, want Carla is zelf reisleider geweest in onder meer Syrië en Jordanië waar soms de hele dag een gids meeging, die maar bleef doorpraten over cultuur. Weer bij een andere organisatie werkt helemaal geen buitenlander die in Nederland woont, want bij hun: “Moet je een langere periode in het buitenland gewoond hebben, kennis hebben over ontwikkelingssamenwerking en over toerisme”.

 

G.J. van Dam vertelt dat er een jongen met een Franse achtergrond werkt. Toen er tijdens het interview ineens een Indische voorbijwandelde, keken we elkaar aan en ging het gesprek over op de bedrijfscultuur. “Er zijn twee uitgangspunten. De ene reisorganisatie - zoals de onze die al twintig jaar bestaat - wil de eigen reiservaring overdragen. Wat ooit in de Sahara begon is uitgebreid, maar we willen de mensen dezelfde dingen als toen laten ontdekken. Zelf toeristisch kapitaal laten accumuleren, zonder te veel franje. Andere - vaak jonge - organisaties van buitenlanders die in Nederland wonen richten zich op hun manier op een bepaald land.” Net als door Carla Scholte wordt erop gewezen, dat het voornaamste is de reiscultuur van de Nederlandse vakantiegangers te begrijpen. Siebe Snoeren vertelt dat  buitenlanders op kantoor geen probleem zijn, maar hij acht de kans dat ze als reisleider kunnen werken klein. Er is namelijk een extra risico aan die positie verbonden, zo wordt erop gewezen dat “wanneer ze in hun geboorteland terugkeren, het te voorkomen risico op conflicten ontstaat met zowel de landgenoten als met de toeristen: de landgenoten azen bij de reisleider op de klanten en de reizigers willen zich geen lokaas voelen. De reisbegeleider moet opkomen voor de belangen van de groep, goed weten hoe een land functioneert - dus meer sociaal dan deskundig zijn - en enthousiasme kunnen overdragen. Je moet als Westerling kunnen denken en afdingen, dat is voor iemand die naar het land van herkomst teruggaat niet eenvoudig”.

 

Het Medisch Comité Nederland Vietnam heeft geen mensen uit Vietnam in dienst, hoewel er de laatste tijd dus wel steeds meer ‘jonge’ belangstelling is van de 2e generatie. Anoushka van Bemmel vertelt dat, “het meeste contact direct via de fax naar postkan­toortjes met de reisleiders ter plaatse gaat, die ook weer overleggen met reisleiders ginds”. De kennis en kunde van de reisleiders wordt heel belangrijk gevonden. Er werkt een Hindoestaanse, die de administratie verzorgt en ook een Chinese. “Spreekt zij Chinees?”

“Ik geloof van wel.”

 

Michel Ranzijn vindt het altijd een eer om over je land te praten en hij zegt dat buitenlanders regelmatig vrijwillig iets over hun land vertellen bij de organisatie of er komen buitenlanders die in Nederland wonen en contactpersoon willen worden. Hun contactpersonen wonen echter zelf al in het buitenland. “Het kamperen bij de eco­boer is zo georganiseerd dat je de cultuur van de mensen ter plekke vanzelf leert kennen.” Het ecologische staat voorop, zodat de medewerkers vooral geselecteerd worden vanuit die invalshoek. Voor het schrijven van de ‘Te gast in’ boekjes wordt, zoals eerder gezegd, contact gezocht met buitenlanders, maar het nadeel is dat de inside-stories vaak te bewerkelijk zijn, want de schrijvende buitenlanders moeten hoog opgeleid zijn om te kunnen analyseren en hebben vaak moeite om zich te verplaatsen in de Nederlandse vakantiegangers: “Ze blijken vaak de neiging te hebben alleen over hun levensverhaal, of over de ‘bedenkelijke’ politieke situatie, te willen schrijven”. Uiteindelijk zijn het vooral de Belgen die veel voor de organisatie doen, maar dat is bovenal vanwege hun zeer geliefde schrijfstijl. Bij het Tsjechisch Centrum werken allemaal mensen uit het tegenwoordige Tsjechië. Het zou echter ook goed voorstelbaar zijn dat daar Nederlanders zouden werken, aangezien die organisatie veel toeristische informatie van Nederlandse vakantiegangers ontvangt.

 

5.4.2    Arbeid: via uitwisseling van culturele kennis met buitenlanders die in Nederland wonen (enquête-interviews)

 

Alle medewerkers hebben zelf deelgenomen aan een internationaal werk, studie, au pair of uitwisselingsprogramma, dat is het criterium waar het bij Saskia Zondag om gaat. Sally Withward heeft Zuid-Afrikaanse collega’s en de anderen die er werken hebben veel gereisd. “Het belangrijkste is het enthousiasme voor het land. Je hart moet er liggen. Als ik uit Zuid-Afrika terugkom spreek ik met een sterk accent en moet soms naar woorden zoeken. Je merkt dan dat sommige mensen dat interessant vinden en anderen geïrriteerd worden”. Het maakt dus niet uit of je buitenlands bent of niet, zou je hieruit kunnen afleiden, maar het belangrijkste is: “Je moet kennis hebben en enthousiast zijn voor je land en je kunnen verplaatsen in de klant”.

 
5.5       Conclusies uitwisselen kennis over buitenlandse cultuur

 

In hoofdstuk vier is geconcludeerd dat buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers de interesse voor buitenlandse cultuur lichtjes bij elkaar waarnemen. Echt spontaan contact met elkaar zoeken om samen de kennis en kunde over buitenlandse cultuur te bespreken zagen de respondenten niet snel gebeuren. Dan moest er allereerst meer publiciteit aan de MundialReismarkt worden gegeven, liefst ondersteund door extra activiteiten als workshops bijvoorbeeld. Uit de aanwijzingen van de respondenten valt op te maken dat bepaalde drempels interactie beperken, waardoor beide groepen geen toenadering zoeken op basis van de gemeenschappelijke interesse voor buitenlandse cultuur. Ook in dit hoofdstuk komt naar voren dat de andere groep ‘soms moeilijk te benaderen is’ om te informeren over buitenlandse cultuur.

 

Na het bespreken van wat gebeurde in het laboratorium van de MundialReismarkt gaat dit hoofdstuk in op het dagelijks leven. Er wordt doorgevraagd of de interesse voor buitenlandse cultuur leidt tot interactie. Al snel wordt duidelijk dat culturele kennis en kunde hieromtrent inderdaad via direct contact wordt uitgewisseld. Dit wordt echter niet geconditioneerd door het gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur, maar door een mix van belangen, die resulteert in het ontstaan van de hoekstenen van de samenleving waar mensen elkaar ontmoeten.

                Uit de indicaties van de respondenten valt af te leiden dat direct sociaal contact tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers – waarbij kennis en kunde over buitenlandse cultuur uitgewisseld – het meest waarschijnlijk is rond een aantal ‘hoekstenen van de samenleving’:

* in de sfeer van familie en kennissen;

* tijdens werk, school, verenigingsleven (hierbij kan ook gedacht worden aan bijvoorbeeld samen sporten, schilderen of naar de yoga) en het sociale netwerk dat daarmee samenhangt. In dit hoofdstuk bleek bijvoorbeeld dat informatie blijft hangen afkomstig uit 'circuits' rond het maken van cultuurgerichte tijdschriften of via contact met andere werkgroepen die in Nederland bestaan;

* en direct sociaal contact kan ook ontstaan tijdens evenementen als Festival Mundial, waaraan het idee ten grondslag ligt dat institutionele ondersteuning kan bijdragen aan het bij elkaar brengen van mensen met een verschillende culturele achtergrond. 

 

Gezien het voorgaande kan begrepen worden, waarom het belang van de hoekstenen van de samenleving bij integratievraagstukken zoveel aandacht krijgt binnen de politiek. Aan de andere kant hoeft het echter niet zo te zijn dat iedereen die zich in de hoekstenen ophoudt op dit moment contacten heeft met de ‘Nederlandse vakantieganger’ en ‘buitenlander die in Nederland woont’, zodat het effect van de hoekstenen om toenadering te bewerkstelligen beperkt zal zijn. Kortom de informatiestroom waarbij kennis over buitenlandse cultuur wordt uitgewisseld vindt plaats rond een aantal hoekstenen van de samenleving, maar niet door de hoekstenen van de samenleving. Stel dat de internetgemeenschap wordt gezien als een moderne nieuwe hoeksteen voor ontmoeting, dan houdt ook hier de inhoud van het gesprek - de uitwisseling van informatie - af van de contacten. Een hoeksteen kan nuchter bekeken dus net zo goed verdelend werken tussen groepen, terwijl deze terecht ook als hulpmiddel wordt gezien om mensen dichter bij elkaar te brengen.

 

Tradities, als belemmerende factor voor veronderstelde interactie

 

Het ‘gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur’ blijkt in zijn algemeenheid geen conditie van betekenis te zijn voor sociaal contact tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers. De tradities in omgang met buitenlandse cultuur van beide groepen zijn verschillend, wat er toe leidt dat twee afzonderlijke werelden in omgang met buitenlandse cultuur te signaleren zijn. Dit valt af te leiden uit de reacties van de respondenten die er op wijzen dat de andere groep soms moeilijk benaderbaar is, het kostbaar kan zijn, dat er angst bestaat voor het onbekende en dat bijvoorbeeld met wat hulp – als door institutionele (hoekstenen) ondersteuning – cultuurverschillen naar de achtergrond geraken en de beperkingen van de eigen leefwereld kunnen worden gezien, zodat eerder toenadering wordt gevonden tot de omgang met buitenlandse cultuur van de andere groep. Dit veronderstelde contact was in dit onderzoek theoretisch opportuun voor beide groepen, omdat een win-win situatie zou ontstaan, waarbij de Nederlandse vakantiegangers bijleren over buitenlandse cultuur en buitenlanders die in Nederland wonen over het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen.

 

De gemaakte uitzondering op de regel, waarbij buitenlandse cultuur wel (mede) de conditie vormt voor interactie, ontstaat bij een nieuwsgierige enkeling en dan vooral nadat contact met elkaars leefwereld in omgang met buitenlandse cultuur is geweest. Zo is gesuggereerd dat de Nederlandse vakantieganger die de buitenlandse cultuur heeft ervaren op vakantie mogelijk wel eerder contact zal zoeken met de oorspronkelijke cultuur van de buitenlander die in Nederland woont. Om tot een concreet beeld te komen van de veronderstelde interactie door uitwisseling van kennis over buitenlandse cultuur, waarbij inmiddels het inzicht is ontstaan dat een evident aanwezige drempel toenadering in de weg staat, is gevraagd naar het uitwisselen van kennis en kunde over buitenlandse cultuur via sociaal contact op de arbeidsvloer, dat wil zeggen: kan een buitenlander die in Nederland woont de kennis over buitenlandse cultuur aanwenden bij organisatie die handelt in de geest van de Nederlandse vakantiepraktijk; en kan een Nederlander (Nederlandse vakantieganger) de opgedane kennis over buitenlandse cultuur aanwenden bij een organisatie die buitenlandse cultuurelementen in Nederland (her-)ontwikkelt?  Door deze vragen worden de kenmerken van de tradities duidelijk en ontstaat inzicht in de aard van de drempel tot toenadering.

 

Tradities ontstaan met de jaren

 

Het evident aanwezige contrast tussen de leefwerelden wordt gevoed door een groepseigen (bedrijfs-)cultuur van omgang met buitenlandse cultuur. Deze bindt de groep, compleet met richtlijnen voor het werven van kennis en kunde (bijvoorbeeld opleiding, werkervaring en de actualiteit van de kennis over buitenlandse cultuur); en ideeën over loyaliteit met betrekking tot de omgang met buitenlandse cultuur, wat een bij de omgang met buitenlandse cultuur passende vorm van ‘enthousiasme’ verlangt. Daarnaast wordt kennis afkomstig uit de andere traditie als kostbaar ervaren: allereerst is te veronderstellen dat het leggen van contact met de andere groep om kennis over buitenlandse cultuur uit te wisselen een investering verlangt die mogelijk ten koste gaat van de begroting die in dienst staat van het reproduceren van de eigen traditie. En voorts is aangeduid dat het rendement onzeker is. Er wordt gewezen op het risico dat de vertaalslag van de ene naar de andere traditie tot complicaties kan leiden, zodat het ontmoeten van de ander eerder als complicerend dan als traditieverrijkend kan worden beschouwd. De kostenpost kan bestaan uit eenvoudige misverstanden, maar er dient ook rekening te worden gehouden met complexe loyaliteitsconflicten, waardoor uiteindelijk naast zorgen ook kosten kunnen ontstaan die voorkomen hadden kunnen worden door bij de bekende groepsgebonden omgang met buitenlandse cultuur te blijven. Buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers zijn loyaal aan de eigen traditie van omgang met buitenlandse cultuur, waarbij in dit onderzoek een duidelijk contrast tussen deze twee groepen waarneembaar is geworden.

 

De tradities in omgang met buitenlandse cultuur blijken diepgeworteld en herkenbaar aan verankerde fragmenten van interesse voor buitenlandse cultuur. Het contrast tussen beide groepen is herkenbaar in:

* De ‘buitenlanders die in Nederland wonen traditie’ is gericht op fragmenten uit de oorspronkelijke cultuur die in Nederland kunnen worden behouden. Het vertrouwde.

* De ‘Nederlandse vakantiegangers traditie’ is gericht op fragmenten uit de buitenlandse cultuur die ontdekt kunnen worden. De bijzonderheden van de buitenlandse cultuur.

 

Als kanttekening bij de slotvraag – werkt bij uw organisatie personeel met wortels in het buitenland die in zekere zin gebruik maken van hun toeristisch kapitaal? – kan worden vermeld dat het consequenter zou zijn geweest om in dienst van de eindconclusie ook volgende vraag te stellen:

                Heeft u gewerkt – of wil u werken – bij een buitenlandse organisatie in Nederland die cultuurelementen (her-)ontwikkelt, omdat daar de oriëntatieve kennis kan worden uitgebreid door uw kennis en kunde over buitenlandse cultuur?

Via deze vraag zou het beeld over het verschil in tradities namelijk completer worden belicht. Ter verdediging: die voor de hand liggende wedervraag (immers de meeste respondenten waren Nederlanders die best een functie bij een buitenlandse organisatie zouden kunnen ambiëren) kwam ook in die tijd na het interview niet opgeborreld. Het is aannemelijk te veronderstellen dat men na het gesprek, of na het invullen van het enquête-interview, tot de conclusie kwam twee leefwerelden te hebben ontdekt in omgang met buitenlandse cultuur, die elkaar niet bijten of aantrekken.

 

 (pagina 41 van 60 pagina's print-totaal)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

 

 

 

HOOFDSTUK 6:    TOENADERING

 

Tradities in omgang met buitenlandse cultuur kunnen als oorzaak worden gezien voor het ontstaan van twee leefwerelden die buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers verdelen. In feite duidden de aanwijzingen van de respondenten er op dat de probleemstelling - In hoeverre is het gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur voor Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen - dat zich bij de vakantiegangers uit in de interesse voor cultuur in het buitenland en bij buitenlanders in Nederland in de interesse voor de oorspronkelijke cultuur - een conditie voor toenadering tussen beide groepen - omgevormd kan worden naar volgende stelling:

 

 

De traditiegebonden omgang met buitenlandse cultuur –  te omschrijven als ‘de buitenlanders die in Nederland wonen traditie’ en de 'Nederlandse vakantiegangers traditie' – zorgt ervoor dat het gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur geen conditie van betekenis is voor toenadering tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers.

 

 

De veronderstelling, dat interactie tussen beide groepen zou plaats vinden op basis van de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur, waarbij kennis en kunde hierover wordt uitgewisseld, wordt in het onderzoek tegengesproken. Dit ondanks dat deze gedachte theoretisch te verantwoorden is, want sociaal contact zou zonder meer een win-win situatie kunnen opleveren. Via het zoeken van contact met elkaar - en hierbij gebruikmakend van elkaars kennis over buitenlandse cultuur - zou bijvoorbeeld de oriëntatie in de Nederlandse samenleving door buitenlanders die in Nederland wonen ten bate van het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen kunnen worden verbeterd en zouden Nederlandse vakantiegangers ook meer kennis kunnen opdoen over buitenlandse cultuur. Dit is opportuun voor beide groepen immers (zie eventueel hoofdstuk twee):

- het streven naar authenticiteit (beleving van authentieke cultuur) is prominent aanwezig binnen de keur aan reismotieven die een vakantieganger kan bezitten; en

- in het algemeen bestaat de behoefte bij de buitenlander die in Nederland woont om bepaalde elementen uit de oorspronkelijke cultuur te blijven behouden.

 

De uitdaging van dit afstudeerwerkstuk was er in gelegen om andere relaties aan het licht te brengen dan de lineaire relatie tussen interesse voor buitenlandse cultuur en de groepsgebonden praktijk, die zich bij buitenlanders die in Nederland wonen uit in het (her-)ontwikkelen van cultuurelementen en bij Nederlandse vakantiegangers in het beleven van buitenlandse cultuur op vakantie. De gedachte dat er meer te koop is in de wereld dan ‘reizigers informeren reizigers’ en ‘buitenlanders informeren buitenlanders’ is echter in de praktijk minder prominent aanwezig dan gedacht.

 

 

De aanwijzingen in dit afstudeerwerkstuk duiden erop dat gesteld kan worden dat buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers wat betreft de omgang met buitenlandse cultuur samenleven in een situatie die kan worden omschreven als ‘stabilized pluralism’, waarbij beide groepen op autonome wijze hun eigen traditie reproduceren.

 

 

Het is aannemelijk dat beide groepen de interesse voor buitenlandse cultuur bij elkaar waarnemen en ook de verschillende omgang met die gezamenlijke interesse bij elkaar herkennen. De constatering dat er geen interactie plaatsvindt wil niet zeggen dat de tradities in omgang met buitenlandse cultuur van elkaar afwijken, in de zin dat men zich afzet in een soort reactie tegen het overnemen van vreemde cultuurelementen. De ontstane contrastrijke situatie is veel eerder te baseren op de historie achter de tradities, die zich kenmerkt door jarenlange groepsgebonden omgang met de interesse voor buitenlandse cultuur.

 

 

De gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur uit zich in twee verschillende tradities: De ‘buitenlanders die in Nederland wonen traditie’: is gericht op fragmenten uit de oorspronkelijke cultuur die in Nederland kunnen worden behouden. Het vertrouwde.

De ‘Nederlandse vakantiegangers traditie’ is gericht op fragmenten uit de buitenlandse cultuur die ontdekt kunnen worden. De bijzonderheden van de buitenlandse cultuur.

 

 

Het contrast in omgang met buitenlandse cultuur wordt gevoed door een soort bedrijfscultuur die ontstaat in lijn van de traditie. Hierdoor wordt het groepsgebonden handelen gestuurd, compleet met richtlijnen voor bijvoorbeeld onderwijs, actualiteit van de kennis en ervaring om aan de eigen omgang met buitenlandse cultuur te kunnen voldoen. Ondanks dat de tradities in omgang met buitenlandse cultuur zo zijn gevormd met de jaren is het toch opvallend dat de leefwerelden zo krachtig en gescheiden schijnen. Verbazingwekkend, want de interesse beperkt zich slechts tot fragmenten van buitenlandse cultuur, waarbij het aannemelijk is dat plezier en ontspanning medebepalende motieven zijn voor het handelen van beide groepen.

 

In dit onderzoek blijkt dat de strikt lineaire omgang met de interesse voor buitenlandse cultuur in elk geval wel kan worden verlaten uit nieuwsgierigheid. Deze kans van uitzondering op de regel neemt verder toe indien er al contact met de leefwereld van de andere groep is ontstaan. Herkenbaar bijvoorbeeld, wanneer:

* de Nederlandse vakantieganger zich interesseert voor de oorspronkelijke cultuur van de buitenlander, nadat een bezoek is gebracht aan het land van herkomst van deze buitenlander die in Nederland woont, of wanneer:

* de buitenlander die in Nederland woont een nieuw land met een andere cultuur ontdekt, door een vakantie geheel of deels te organiseren via de Nederlandse vakantiegangertraditie.

Deze, mede door de interesse voor buitenlandse cultuur geconditioneerde, interactie tussen leden van beide groepen wordt in de case-studie met enige regelmaat gemotiveerd door te wijzen op 'het horizon verbreden en eerder contact met elkaar zoeken' pas nadat een reis is gemaakt.

 

In hoofdstuk 5 is duidelijk geworden dat ontmoeting - met wisselwerking van kennis over buitenlandse cultuur - bovenal plaatsvindt via sociaal contact dat samenhangt met het bestaan van hoekstenen van de samenleving als huishouden, wonen, werk en verenigingsleven. In de inleiding van hoofdstuk 1 is beschreven wanneer interactie naar verwachting positieve waardering voor elkaar genereert en deze hoekstenen kunnen de omstandigheden bieden waardoor buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers aangemoedigd worden groepsgebonden kennis en kunde te socialiseren. Het contact vindt in deze situaties kennelijk eerder plaats op vertrouwelijke basis en in open communicatie, waardoor negatieve en stereotype beeldvorming doorbroken wordt. Tradities in omgang met buitenlandse cultuur worden dan ontdaan van hun beschermende groepsgebonden mantel en het contrast verdwijnt naar de achtergrond waardoor gesproken kan worden over een gunstig klimaat voor toenadering. Bij het ontstaan van interactie waarbij kennis over buitenlandse cultuur wordt uitgewisseld is het dus niet de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur die primair bindmiddel is, maar veeleer de ontmoetingssituatie zelf die onderwerpen bespreekbaar en informatie uitwisselbaar maakt.

 

 

Wisselwerking met betrekking tot de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur vindt plaats rondom de hoekstenen van de samenleving - waar vertrouwelijk contact met elkaar ontstaat - maar niet per definitie door de hoekstenen van de samenleving. Het is immers van de constructie van de hoekstenen afhankelijk of buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers elkaar daar ontmoeten. Bij ontmoeting leidt het contact eerder tot het bespreekbaar maken van de diverse tradities in omgang met buitenlandse cultuur.

 

In het algemeen gesproken: Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen zoeken kennelijk eerder toenadering tot elkaar op basis van het samenzijn (de ontmoetingsplaats waar vertrouwelijk contact mogelijk is en open communicatie) dan op basis van de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur.

 

Deze studie heeft een exploratief karakter en dient te worden gezien als een stap om onderzoeksterrein – interactie tussen groepen binnen de multiculturele samenleving op basis van overeenkomsten in interesse – te verkennen. Wat betreft de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur is duidelijk geworden, dat er weinig aanleiding is te veronderstellen dat beide groepen puur op basis hiervan toenadering tot elkaar zoeken.

 

 

Vanaf het prilste literatuuronderzoek in 1995 bestond bij het maken van dit afstudeerwerkstuk de ambitie een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van de samenleving door met een pakkend voorbeeld, het vaakgeschetste beeld van tweedeling (allochtoon versus autochtoon) te nuanceren. In dit kader leidde de case-studie van het onderzoek tot de verrassende conclusie dat buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers geen contact, althans niet automatisch, met elkaar zoeken om kennis over buitenlandse cultuur uit te wisselen. Verrassend, omdat veronderstelbaar is dat beide groepen baat hebben bij elkaars kennis over culturen.

 

Cultuur ontdekken versus cultuur behouden. Een onderscheid in omgang met de interesse voor buitenlandse cultuur is herkenbaar, dat overigens bij beide groepen voort kan komen uit eenzelfde motivatiemix als de wens te ontspannen, zich verder te bekwamen in cultuur of zich sociaal te onderscheiden en wellicht ook als reactie op bepaalde maatschappelijke ontwikkelingen als individualisering en globalisering. De fragmentarische kennis - die bij de één meer gericht op cultuur ontdekken, terwijl het bij de ander juist draait om het behoud van cultuurelementen uit de oorspronkelijke cultuur - heeft met de jaren geleid tot het ontstaan van twee krachtige tradities in omgang met buitenlandse cultuur.

 

Uit het onderzoek blijkt dat de kans op toenadering tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers toeneemt indien nieuwsgierigheid tot een eerste contact heeft geleid. Bovenal komt dit contact echter tot stand door een samenkomst tijdens huishouden, werk, school of verenigingsleven die helemaal niet hoeft te worden veroorzaakt door een gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur. Rondom deze hoekstenen blijkt de traditionele omgang met buitenlandse cultuur geen obstakel van betekenis om de groepsgebonden fragmentarische kennis over buitenlandse cultuur uit te wisselen en met elkaar te bespreken. Kortom, alles wijst erop dat vooral de ontmoetingssituatie - de mogelijkheid daar te geraken en de rol die men als individu bij een ontmoeting kan spelen - alle aandacht verdient om het beeld van tweedeling in de samenleving te helpen verbeteren in de richting van een nieuw beeld, waarbij nader tot elkaars leefwerelden wordt gekomen.

 

 

 (pagina 44 van 60 pagina's print-totaal)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Literatuurlijst:

[1]. 1a:  Eerste citaat is uit de Volkskrant van donderdag 10 juli 1997

 

       1. Literatuur acculturatie komt uit:  H.B. Entzinger, P.J.J. Stijnen, Etnische minderheden in Nederland,

       Boom/Open universiteit, 1990, p.13.

[2]  Idem, p.220, Etnische minderheden in Nederland .

[3].  Idem, p.119, Etnische minderheden in Nederland .

[4].  Idem, p.220, Etnische minderheden in Nederland .

[5].   Bron: Ministerie van Justitie, Bevolkingsvraagstukken i Nederland anno 1994, Nidi.

[6].   H. van der poel (1993) De structuratietheorie: een handelingstheoretisch kader voor de studie van de

         vrijetijd. Tilburg: KUB/VTW, p.11. 

                            

[7].   H.B. Entzinger, P.J.J. Stijnen, Etnische minderheden in Nederland, Boom/Open universiteit, 1990, p.13.

[8].   Onderzoekspracticum Vrijetijdswetenschappen, 'Spreekt duurzaam toerisme tot de verbeelding?',

          KUB/VTW, 1996.

[9].   Dictaat 'Tour­operating 1991' Van Eijken (NHTV, Breda) 

[10].  E. Cohen, 'Authenticity and commodification in tourism', In: Annals of Tourism Research, 15(1),

          pp. 373, 1988.

[11].  E. Cohen, 'Authenticity and commodification in tourism', In: Annals of Tourism Research, 15(1),

          pp. 373, 1988.

[12].  H. Dahles en A. Lange, 'Veel vaker en vooral verder weg',

          In: Onderzoeken in het kader van 25 jaar vakantiebeurs,  Koninklijke Nederlandse Jaarbeurs,

          Utrecht, december 1994,  p.6-26.

[13].  Idem, p.11.

[14].  N. Leiper, 'Tourist Attraction Systems', In: Annals of Tourism Research, 17, 1990, pp. 371.

 [15].   A. Lew, 'A Framework of Tourist Attrractions Research', In: Annals of Tourism Research, 14,

           1987, pp. 553-575.

[16].  N. Leiper, 'Tourist Attraction Systems', In: Annals of Tourism Research, 17, 1990, pp. 381.

[17].   T. Scitovsky, 'The demand for excitement in Modern Socie ty', pp. 55-58,

          Reader: Economic Aspects of Leisure, KUB/­VTW, Chris Gratton 1993.

[18].  Tessa van der Sluis, 'Culturele verschillen in intellgentie, stressbeleving en stresshantering bij

           autochtone en allochtone basisschoolleerlingen', afstudeeronderzoek,   KUB, Afstudeerrichting

           Kinder- en Jeugdpsychologie, 1996, p.­16.

[19].  C.F Goossens, 'Anticiperen op de vrijetijdsbeleving', Tilburg: KUB/VTW, 1993, p.15.

[20].  C.F. Goossens, 'Reclame voor hedonistische consumptie: Informatieverwerking, emotie en gedrag.',

          Tilburg: KUB/VTW, 1993, p.26.

[21] Aantekeningen bij het moduul Sociologie van de Vrije Tijd, gedoceerd door Sybille van Hoof, docente

          NHTV. Ze besteedde veel aandacht aan de theorieën van onder meer Pierre Bourdieu, o.a. auteur van:

         - 1971 La reproduction - 1979 - La distinction. Critique sociale du jugement.

[22].    In januari 1992 ben ik geslaagd aan de Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer in Breda. In 1991

            kwamen de reiscomponenten onder andere ter sprake bij het vak Touroperating;

            de reisdomeinen tijdens het moduul Vrijetijdsmanagement 1 (: verzorgd door Jan Kop en Diane Nijs).

[23].   Klaus Finger, Brigitte Gayler, Heinz Hahn, Animation im Urlaub, Studienkries fÜr Tourismus e.v.,

           Starnberg 1975.

[24].  E. Cohen, 'Authenticity and commodification in tourism', In: Annals of Tourism Research,

          15(1), pp. 373, 1988.

[25]. D. MacCannell, Staged Authenticity: Arrangements of     Social Space in Tourist Settings,

          In: American Journal of  Sociology, 3, pp 589-603, 1973.

[26].  J. Urry, 'Tourism, Travel and the Modern Subject', In: Vrije­tijd en Samenleving, 3/4, 1991, pp.90.

[27].  David Howes, ‘Cross-cultural consumption: global markets local realities’,

           Routledge, Londen, 1996, p.6.

[28].   Paul Theroux, De gelukkige eilanden, Atlas, Amsterdam / Antwerpen, eerste druk 1992, p. 606.

[29].  E. Cohen, 'A phenomenology of tourist experiences', In: Sociology, 1979, vol. 13, no. 2, p. 197.

[30].   John Urry, The Tourist Gaze: leisure and travel in contemporary societies, SAGE, Londen, 1990, p.7.

[31].   Hoorcollege 'Reizen in de Moderniteit', week 45, 7 november 1994.

[32].   E. Cohen, 'A phenomenology of tourist experiences', In: Sociology, 1979, vol. 13, no. 2, p. 179-201.

[33].  E. Cohen, 'The sociology of tourism: Approaches, Issues, and findings',

          In: Annual Review of Sociology, 1984, vol. 10, p 378.

[34].  E. Cohen, 'A phenomenology of tourist experiences', In: So­ciology, 1979, vol. 13, no. 2, p. 179-201.

[35].  Idem, p. 197.

[36].  Idem, p. 196.

[37].  Menno Hekker, ‘Minahassers in Indonesië en Nederland migratie en cultuurverandering’,

          academisch proefschrift, Universiteit van Amsterdam, 1993, p.22.

[38].  Idem.

[39].  Idem.

 

 

 

TOENADERING DOOR

uitwisselen van kennis over

BUITENLANDSE CULTUUR

 (Theorie en case-studie MundialReismarkt)

 

 

 

Samenvatting

 

Teneinde het beeld van tweedeling tussen Nederlander en Buitenlander voor de samenleving te helpen verbeteren in de richting van een nieuw beeld, waarbij nader tot elkaars leefwerelden wordt gekomen is in dit afstudeerwerkstuk op exploratieve wijze onderzocht: in hoeverre het gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur voor Nederlandse vakantiegangers en buitenlanders die in Nederland wonen - dat zich bij de vakantiegangers uit in de interesse voor cultuur in het buitenland en bij buitenlanders in Nederland in de interesse voor de oorspronkelijke cultuur - een conditie is voor toenadering tussen beide groepen.

 

Uit de literatuurstudie – ‘naar de vraag wat buitenlandse cultuur voor beide groepen inhoudt’ – blijkt dat de wens buitenlandse cultuur te beleven een reismotief is voor Nederlandse vakantiegangers en dat buitenlanders die in Nederland wonen cultuurelementen uit de oorspronkelijke cultuur willen behouden. Dit maakt veronderstelbaar dat beide groepen kennis en kunde over buitenlandse cultuur uitwisselen.

 

Om inzicht te krijgen in de omgang met het gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur en de eventuele wisselwerking van kennis hierover tussen beide groepen, is een kunstmatige omgeving gecreëerd: een reismarkt op een multicultureel festival. Hier zouden beide groepen elkaar eenvoudig kunnen ontmoeten. De standhouders – deskundigen op het gebied van vakantie en cultuur - waren de getuigen van de samenkomst en traden in de case-studie van het onderzoek naar buiten als klankbord, zodat een beeld gevormd kon worden over de interactie tussen beide groepen op basis van de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur. Uit de reacties van de respondenten bleek echter dat beide groepen weinig of geen toenadering tot elkaar vinden om de gezamenlijke interesse te delen.

 

Het idee van de toenadering op basis van de gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur werd wel begrepen. ‘Het klinkt logisch.’ De invloed op elkaar was tijdens de reismarkt lichtjes voelbaar, maar ook ontstaan bij het bespreken van het latente contact op de reismarkt de eerste signalen, dat bepaalde drempels toenadering in de weg staan. Deze barrière – waardoor geconcludeerd moet worden dat de gezamenlijk interesse voor buitenlandse cultuur geen conditie is voor interactie tussen beide groepen - komt duidelijk in beeld wanneer met de respondenten besproken wordt of culturele kennis en kunde in het dagelijks leven via sociaal contact wordt uitgewisseld.

 

Tradities in omgang met buitenlandse cultuur zijn aanleiding voor het herkennen van twee leefwerelden. In feite duiden de aanwijzingen van de respondenten er op dat de probleemstelling omgevormd kan worden naar volgende stelling: de traditiegebonden omgang met buitenlandse cultuur –  te omschrijven als ‘de buitenlanders die in Nederland wonen traditie’ en de 'Nederlandse vakantiegangers traditie' – zorgt ervoor dat het gemeenschappelijk belang van buitenlandse cultuur geen conditie van betekenis is voor toenadering tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers.

 

De tradities blijken diepgeworteld met verankerde fragmenten van interesse. Een helder contrast is waarneembaar, omdat buitenlanders die in Nederland wonen zich bovenal richten op het vertrouwde van de oorspronkelijke (buitenlandse) cultuur en Nederlandse vakantiegangers op het ontdekken van het bijzondere. De prominente lineaire omgang met de interesse voor buitenlandse cultuur door beide groepen wordt hierdoor verklaarbaar, omdat zowel buitenlanders die in Nederland wonen als de Nederlandse vakantiegangers de eigen traditie koesteren.

 

Uit het onderzoek blijkt dat de kans op toenadering tussen buitenlanders die in Nederland wonen en Nederlandse vakantiegangers bovenal ontstaat door een samenkomst tijdens huishouden, werk, school of verenigingsleven die helemaal niet hoeft te worden veroorzaakt door een gezamenlijke interesse voor buitenlandse cultuur. Rondom deze hoekstenen blijkt de traditionele omgang met buitenlandse cultuur geen obstakel van betekenis om kennis over buitenlandse cultuur uit te wisselen en met elkaar te bespreken. Kortom, alles wijst erop dat vooral de ontmoetingssituatie - de mogelijkheid daar te geraken en de rol die men als individu bij een ontmoeting kan spelen - alle aandacht verdient om het beeld van tweedeling in de samenleving te helpen verbeteren in de richting van een nieuw beeld, waarbij nader tot elkaars leefwerelden wordt gekomen.

 

II


Summary

 

Research to what extent Dutch tourists and people with cultural roots in other countries, but all residents in the Netherlands, exchange their (cultural skills) knowledge of foreign cultures? A research that has been started as an idea to argue against the image of a divided society. What follows is an unexpected conclusion, because indications lead to the statement that these old and new inhabitants don't socialise their expertise spontaneously, even when - at first site - these groups share the same interest: the interest in foreign culture!

 

Cultural-and tourism experts come to the explanation (analyses of interviews), that the cultural approach over the years developed into diverse traditions: tourist behaviour could be characterized with 'discover new culture fragments', and new inhabitants 'maintain fragments of original culture'. A distinction that can be linked to the same mix of motivators, because both groups seek distraction and/or social distinction; and/or follow the wish to improve cultural skills, and both could act in reaction to globalization and for example growing individualism.

 

Dutch tourists and the immigrants cherish their own traditional approach towards foreign culture. Information that belongs to cultural background related traditions however, appears to be easily sociable when members of both groups 'finally' meet because of work, school, sports-culture-organizations or household. Around these meeting points for society separated traditions are more open to discussion. An encouraging idea for society, because the image of a divided society can be bettered, by actively reaching each other, when possible, around these meeting points for society.

 

III


 

Nawoord: Het vrije recht op toenadering

 

Tijdens het schrijven komen er momenten voor dat er van alles door het hoofd schiet. Soms iets wat juist dan achterwege moet blijven om niet te worden afgeleid van te analyseren informatie en de noodzaak logisch te blijven denken. Maar het voordringen begint lang voordat het nawoord is geschreven, waarbij onsamenhangende ideeën de wens oproepen doorverteld te mogen worden. Hiermee wil ik dan graag aan een gedachte toegeven om te pleiten voor gebruikmaking van het vrije recht op toenadering.

 

In dit onderzoek bleek dat zowel buitenlanders die in Nederland wonen als de Nederlandse vakantiegangers de eigen traditie in omgang met buitenlandse cultuur koesteren. Daarnaast werd duidelijk dat de hoekstenen van de samenleving een mechanisme bieden om verschillende leefwerelden - in de omgang met buitenlandse cultuur - bespreekbaar te maken. Het vinden van toenadering tussen mensen met een verschillende culturele achtergrond kan worden gestimuleerd door de Overheid. Dit wordt bijvoorbeeld gedaan door ervoor te zorgen dat mensen samenwerken of samen sporten. Echter, het is niet reëel te veronderstellen dat de Overheid al onze contacten bepaalt en iedere ontmoeting verzorgt. Er is vrijheid, en daarin is het gebruik maken van eigen initiatief van fundamenteel belang om daadwerkelijk tot toenadering te komen. Kortom, het mechanisme der hoekstenen van de samenleving wordt door ons gesmeerd, wanneer gebruik wordt gemaakt van de vrijheid van toenadering. 

 

 

Gerard Vierhout

9 maart 2011

IV


 

 

 

BIJLAGE I: De wervende brief.

Festival ­Mundial

Stationsstraat 39

5038 EC Tilburg

Tel: (013) 5431­335

Fax: (013) 5437096

 

Tilburg,  17 maart 1997

 

Betreft: aanmelding MundialReismarkt 1997

 

Geachte mevrouw, mijnheer,

 

Onder het motto "Eén Wereld ... Eén Toekomst", vindt over enke­le maanden de tiende editie plaats van Festival Mundial, hét cultuurfeest met muziek en informa­tie van wereld­for­maat. Op zondag 15 juni vindt in de sfeervolle entourage van het Tilburgse Leijpark de grootschalige afsluiting plaats van dit landelijk bekende festival.

Vele tienduizenden mensen uit heel Nederland en Vlaanderen zullen op die dag ongetwij­feld weer afkomen op het kleurrijke feest met toon­aangevende wereld­muziek, kinderactiviteiten, speelse informatie, in­ter­nationale drankjes en hapjes en nog veel meer. Respect voor en uitwis­seling van culturen spelen daarbij een belangrijke rol.

 

Festival Mundial heeft zich de afgelopen 9 jaar ontwikkeld als het platvorm bij uitstek voor tal van landelijke en regionale organisaties op het gebied van interna­tionale samenwerking, mensen­rechten en mi­lieu. Met een eigen presentatie vin­den zij via Festival Mundial de weg naar een breed publiek.

Ter illustratie: Organisaties als Bilance, Stichting DOEN van de Nationale Postcode Loterij, Novib en Amnesty Inter­national geven al sinds jaar en dag acte de presence op Festival Mundial.

 

Uit ervaring is gebleken dat de doelgroep van Fes­tival Mundial geïnteresseerd is in reizen en cultuur. Daarom wil Festival Mundial in 1997 een nieuw onderdeel introduceren:

MundialReismarkt. Centraal thema op de MundialReismarkt is verantwoord toerisme. Voor organisaties die zich bezighouden met verantwoord toerisme biedt het festival dus een unieke mogelijkheid om een breed en geïnteresseerd publiek te berei­ken. Op de Mundial­Reismarkt wordt een infor­matie­ve tocht uitgezet langs reisorganisatoren, organisaties die verant­woord toerisme stimuleren, Ambassades en andere buitenlandse in­stellingen.

Gezien uw achtergrond ziet de organisatie van Festival Mundial u als een potentiële deelne­mer aan de MundialReismarkt.

 

Wat wij u bieden is een breed en geïnteresseerd ('kritische consu­ment') publiek. Naar verwach­ting zullen dit jaar ongeveer 100.000 mensen een bezoek brengen aan het festival.

Wat wij u verder bieden is een doordachte infrastructuur en een crea­tieve basisvorm, waarbin­nen u naar eigen inzicht uw activiteiten zo aantrekkelijk mogelijk kunt presenteren. Uiteraard kleden wij de Mundi­alReismarkt aan met een cultureel aan­bod dat past bij de kwali­teit van Festival Mundial.

 


 

De Mundialreismarkt biedt de volgende presentatiemogelijkheden:

 

1. Een marktkraam van 8 mІ inclusief dekzeil.

Kosten: fl. 175,-/excl. 17,5 % BTW.

 

2.Een pagodetent van 25 mІ.

Kosten: fl. 1.600,-/excl. 17,5 % BTW.

Indien u zich uitgebreider wilt presenteren bijvoorbeeld omdat u een kleine tentoonstel­ling wilt plaatsen of een rustiger informatiehoekje met een audio-visuele presentatie wenst.

Deze vierkante tent beschikt over een houten vloer, witte zij- en ach­terwanden van tentzeil. De pagodetent wordt geleverd met verlichting, een stroompunt, 2 meter tafel en 2 stoelen.

 

3. Een tropicaltent van 58 mІ.

Kosten: fl. 3.200,-/excl. 17,5 % BTW.

Deze tenten beschikken over houten vloeren, zij- en achterwanden van kunststof panelen. Zij vallen alleen al op door hun fraaie zeshoekige vormgeving. Het paviljoen wordt gele­verd met verlichting, een stroom­punt, 4 meter tafel en 4 stoelen.

 

U kunt zich inschrijven via het bijgevoegde aanmeldingsformulier. Op de enveloppe s.v.p. vermelden: Mundial­Reismarkt. De inzendterrein sluit op 18 april. De aanvragen worden behan­deld op volgorde van binnenkomst. Er is een beperkt aantal plaatsen: vol is vol! Festival Mundi­al behoudt zich het recht voor om organisaties met opgave van redenen te weigeren.

Uiterlijk 1 mei krijgt u een bevestiging van uw deelname en andere relevante gegevens.

 

Als u meer informatie wilt over Festival Mundial, de MundialReismarkt, of als u afwijken­de ideeлn heeft over een presentatie, kunt u iedere werkdag contact opnemen met onderge­tekende via 013-543 13 3­5, fax 013-543 70 96.

 

Met vriendelijke groet,

 

 

 

Gerard Vierhout

 

projectmedewerker Festival Mundial

 

 

 

 

 

 

 

FESTIVAL MUNDIAL 1997

 

Aanmeldingsformulier  MundialReismarkt:

 

Uw organisatie houdt zich vooral bezig met

( ) het organiseren van reizen;

( ) het stimuleren van verantwoord reizen/duurzaam toerisme;

( ) het vertegenwoordigen/promoten van een land;

( ) informatieverstrekking in het algemeen.

 

Naam organisa­tie: __________________________________________________

 

Adres:             __________________________________________________

 

Postcode/Plaats: __________________________________________________

 

Telefoonnummer: __________________________________________________

 

Faxnummer:  __________________________________________________

 

 

Naam contactpersoon:__________________________________________________

 

Adres:             __________________________________________________

 

Postcode/Plaats: __________________________________________________

 

Telefoonnummer: __________________________________________________

 

 

Doel en werkwijze van uw organisatie: _____________________________________

 

____________________________________________________________________________

 

­____________________________________________________________________________

 

­____________________________________________________________________________

 

­____________________________________________________________________________

 

­____________________________________________________________________________

 

­____________________

 

 

Omschrijving van uw presentatie op 15 juni 1997 (wat u gaat doen?):

 

_________________________________________________________________________

_________________________________________________________________________

 

_________________________________________________________________________

 

_________________________________________________________________________

 

_________________________________________________________________________

 

_______________________

 

Aantal marktkramen: (fl. 175,- excl. BTW.) ____ stuk(s).

 

Aantal pagodetenten: (fl. 1.600 excl BTW.) ____ stuk(s).

 

Aantal tropicaltenten: (fl. 3.200 excl. BTW.) ____ stuk(s).

 

De pagodetenten en de tropicaltenten hebben de beschikking over een standaard electrici­teitsvoorziening van 220 Volt/16 AMP., maximaal belastbaar tot 3.000 Watt.

Wat voor apparaten gaat u gebruiken/Hoeveel Watt per apparaat?:

 

Apparaat: ______________________________ aantal Watt:____________________

 

Apparaat: ______________________________ aantal Watt:____________________

 

Apparaat: ______________________________ aantal Watt:____________________

 

 

Uw naam:__________________________________________________

 

 

Datum: __________________ Plaats: ___________________________________

 

 

 

Handtekening: -----------------------------------

 

 

Hebt u vragen? Bel dan: Festival Mundial tel: 013-5431335 of fax 013-5437096. Vraag naar Gerard Vierhout.

 

 

 

 
 

 

 

 

Bijlage III:

 

 

naam

 

contactpersoon

 

adres

 

enquête-interview (functie respondent(e) binnen  de organisatie);

bij interviews: tijdvermelding.

Eventuele bijzonderheden.

 

Ashraf Reizen

 

Anoushka van Bemmel

 

Haarlemmer­straat 140

1013 EZ

Amsterdam

 

interview op donderdag 17 juli  met contactpersoon  (PR en marketing).

Aanvangstijd 16.15 uur tot aan 17.00 uur. Zij reist de hele wereld over en schrijft veel voor Ashraf  Reizen.

 

REISbe­WIJS (i.s.m. Informatie Verre Reizen)   

 

Dick Driessen

 

Demer 38

5611 AS

Eindhoven

 

Dick Driessen  was tot  10 augustus op vakantie en dat was te laat  voor een interview. Zij deelden de presentatie op Festival Mundial met 'Informatie Verre Reizen. 

 

Tunesisch Nationaal Verkeersbureau

 

Jonneke Janssen / Véronique Bolder

 

Muntplein 2 III

1012 WR

Amsterdam

 

geen reactie na opsturen enquête-interview.

 

Afriesj Reizen

 

G.J. van Dam

 

Hemonystraat 33

1074 BM

Amsterdam

interview op dinsdag 5 augustus met contactpersoon (marketing).

Aanvangstijd 14.00 uur tot aan 15.00 uur. Afriesj Reizen was tijdens de MundialReismarkt helaas verhinderd. G.J. van Dam werkt sinds 6 maanden bij Afriesj Reizen.

 

Cross Country Travel/Travel Express

 

Carla Scholte

 

Rokin 38 I

1012 KT

Amsterdam

interview op donderdag 17 juli met contactpersoon  (informatie boekingen, voorheen ook reisleidster).Aanvangstijd 18.00 uur tot aan 19.00 uur

 

Cycletours & Sindbad Reizen

 

Paul Hendriks

 

Keizersgracht 181

1016 DR

Amsterdam

 

geen reactie na opsturen enquête-interview

 

ECEAT

 

Don Reuvekamp en Hans Geluk

 

Postbus 10899

1001 EW

Amsterdam

 

 interview met  Michel Ranzijn op woensdag 16 juli (verantwoordelijk voor  beurswerk). Aanvangstijd 15.30 tot aan 17.00 uur

 

ECPAT-NL

 

Theo Noten

 

Postbus 1570

6501 BN

Nijmegen

 

enquête: auto-interview ingevuld door  Frans de Man (organisatie ECPAT-NL project van Retour Foundation om kinderprostitutie te helpen  bestrijden; Frans de Man is de coördinator). Hij zag weinig in het begrip 'toeristisch kapitaal' en ook waren er veel vragen niet van toepassing op ECPAT-NL.

 

ICCO

 

Attie Sijpkes

 

Postbus 151

3700 AD Zeist

 

enquête: auto-interview ingevuld door  Attie Sijpkes

(ICCO is de interkerkelijke organisatie voor ontwikkelings-samenwerking; Attie Sijpkes is werkzaam op de afdeling communicatie). Ze heeft de enquête na vraag 3 niet meer ingevuld, omdat het ICCO nog  aan het begin staat van een visie op toerisme. De ICCO was op de MundialReismarkt present met een project  over duurzaam toerisme in Palestina.

 

 

Informatie Verre Reizen

 

S. Kohlmann

 

Postbus 1504

6501 BM

Nijmegen

interview met Kees van  Tefelen  op woensdag 13 augustus. Aanvangstijd 15.45 tot aan 17.45 uur. (Een van beide directeuren.) Informatie Verre Reizen  stelt de 'Te  Gast  In'  boekjes samen, die door  ongeveer  25 reisorganisatoren in Nederland en Vlaanderen aan de reizigers worden meegegeven.  Op de MundialReismarkt deelden zij hun presentatie met REISbeWIJS uit Eindhoven.

 

MCNV

 

Anneke Oosterhuis

 

Weteringschans 32

1017 SH Amsterdam

 

interview op donderdag 17 juli met contactpersoon. (informatie)

Aanvangstijd 11.00 tot aan 12.00 uur

 

Multatuli Travel

 

Ruud Klep

 

Max Euweplein 24

1017 MB Amsterdam

interview met Pim van  Heijst op dinsdag 5 augustus (informatie boekingen, voorheen ook reisleider). Aanvangstijd 16.00 tot aan 17.00 uur. Organisatie werkt nauw samen met ontwikkelingsorganisaties

 

Out in Africa Tours

 

 Sally Whitward

 

Gelderlandlaan 11

3137 SC Vlaardingen

enquête-interview op vrijdag 1 augurstus met contactpersoon  (informatie boekingen en reisleidster). Aanvangstijd 11.15 tot aan 13.00 uur. Sally is Zuidafrikaanse en  had eerst verzocht het enquête-interview op te sturen.

 

Sawadee Reizen

 

Mieke Kerkhoven/Rita van Hoek

 

Rokin 105

1012 KM Am­sterdam

 

Enquête-interview opgestuurd, maar geen tijd voor invullen enquête zo bleek uit reactie.

 

Summum Reizen

 

S. Snoeren

 

Leliegracht 20

1015 DG Am­sterdam

interview op woensdag 6 augustus met contactpersoon (oprichter Summum Reizen). Aanvangstijd 18.15 tot aan 19.30 uur

 

The Shoestring Company

 

Rob de Laet

 

1e Helmersstraat 62

1054 DK Amsterdam

 

geen reactie na opsturen enquête-interview

 

Travel Active Programmes

 

Saskia Zondag

 

Postbus 107

 

enquête-interview ingevuld door contactpersoon

 

Tsjechisch Centrum

 

Petra Prins

 

Paleisstraat 4

2514 JA

Den Haag

interview op donderdag 17 juli met contactpersoon (informatie).

Aanvangstijd 14.15 tot aan 15.30 uur. Petra is Tsjechische

 

Mundialreismarkt 1997: Totaal  18 organisaties:

2 promotie toerisme op nationaal niveau;

3 informatie verantwoord toerisme;

3 organisaties met duurzaam toerisme aan basis georganiseerde reizen en

10 commerciële reisorganisatoren die betrokken zijn bij verantwoord reizen over de gehele wereld

 

 

 
 

Bijlage IV:

 

Enquête-Interviews: alleen onder participanten MundialReismarkt tijdens Festival Mundial 1997.

 

Bij gewone interviews is begonnen met een korte introductie over het onderwerp van dit onderzoek, waarbij de relatie wordt gelegd tussen de multiculturele samenleving en toerisme. Waar in deze wordt verwezen naar de bijlage - de laatste pagina - is gewoonlijk een verhaal verteld met betreffende achtergrondinformatie. Het belang van dit enquête-interview dient de evaluatie van Festival Mundial en de MundialReismarkt en tevens het afstudeeronderzoek van ondergetekende aan de studie Vrijetijdswetenschappen te Tilburg.

 

U kunt dit ingevulde formulier, omdat het Centrum voor Ontwikkelings-Samenwerking - waar ook het kantoor van Festival Mundial is geherbergd - tot half augustus gesloten is, het beste opsturen naar het volgende adres:

Gerard Vierhout

St. Jorisstraat 21

5021 JA Tilburg

 

Bij voorbaat dank voor uw medewerking. Met vriendelijke groeten,

 

 

 

Gerard Vierhout 

 

 

Vraag 1) Wat vond u van Festival Mundial?

(zie doelstelling Festival Mundial in de bijlage,  m.b.t. vraag 1.)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2) Tijdens Festival Mundial waarderen en respecteren Nederlanders en Buitenlanders

   andere culturen, omdat ...

A) Spontaan antwoord s.v.p.:

 

 

 

  

B) Zie theoretisch antwoord in de bijlage met betrekking tot vraag 2, is er sprake van wederzijds begrip?:

 

 

 

 

 3) Wat vond u van de MundialReismarkt?

   (zie doelstelling MundialReismarkt in de bijlage,  m.b.t. vraag 3.)

 

 

 

                               

 

 

                                                                                 1.


 

Scriptie: DEEL 1: BEGRIPPEN EN VISIE OP DE REISWERELD

 

4) Toeristisch kapitaal: kennis en kunde die vakantiegangers/reizigers verzamelen om uitdagingen (keuze van de vakantiebestemming en de activiteiten) te zoeken die passen bij de opgedane bekwaamheden, teneinde activiteiten op reis optimaal te kunnen beleven. Dit begrip is afgeleid uit de theorie van Tibor Scitovsky, die veronderstelt dat de Westerse mens een steeds hoger niveau aan 'leisure skills' of vrijetijdsbekwaamheden accumuleert. Hij vergelijkt de ontwikkeling in de vrijetijd met die tijdens de arbeidstijd.

 

Hoe ziet u dit begrip toeristisch kapitaal; Welke kennis en kunde heeft een vakantieganger nodig?

 

 

 

  

 

5) Visie op reiswereld: De reiswereld kent bepaalde uithoeken van de wereld beter dan het geboortedorp. Reisorganisatoren zijn belangrijk, omdat ze een toerisme gerichte antenne zijn naar de toestand van de wereld en aldus beschikken over het meeste toeristisch kapitaal. (aanvulling op van Eijken 1991 m.b.t. bestaansrecht touroperator, zie bijlage m.b.t. vraag 5.)

 

Wat vindt u van die visie?

 

 

                                                                                     

 

 

 

6) Bent u het er mee eens dat de reisorganisator in algemene zin een groter bestaansrecht heeft (refererend naar van Eijken) op grond van het geaccumuleerde toeristisch kapitaal?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Scriptie: DEEL 2: CULTUURGERICHT TOERISTISCH KAPITAAL

(kennis en kunde met betrekking tot het optimaal beleven van authenticiteit/cultuur op

vakantie) EN DE MULTI­CULTURELE SAMENLEVING

 

7) Door Festival Mundial krijgen mensen zin om te reizen en andere culturen te leren kennen, omdat...

A) Spontaan antwoord s.v.p.:

 

 

 

 

 

B) Zie theoretisch antwoord in de bijlage met betrekking tot vraag 7:

 

 

 

                                                                                     2.


 

7a) Met betrekking tot welke bestemmingen veel  vragen op de MundialReismarkt?

 

 

 

 

 

 

7b) Met betrekking tot welke activiteiten veel  vragen op de MundialReismarkt?

 

 

 

 

 

 

7c) Bestaat er naar uw mening een link tussen de vragen naar bestemmingen en aktiviteiten op vakantie en hetgeen op Festival Mundial 1997 te ontdekken is geweest?

 

 

 

 

 

 

 8) Door Festival Mundial worden buitenlanders gestimuleerd om bepaalde cultuurelementen in Nederland te (her-)ontwikkelen, omdat...

A) Spontaan antwoord s.v.p.:

 

 

 

 

  

B) Zie theoretisch antwoord in de bijlage met betrekking tot vraag 8:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

                                                                  3.


 

Scriptie: DEEL 3: Cultuurgericht toeristisch kapitaal als directe conditie voor het

                    folkloriseren van cultuurelementen door buitenlanders die in 

        Nederland wonen. (zie bijlage met betrekking tot deel 3.)

                           

 

9) Denkt U dat Nederlandse vakantiegangers buitenlanders die in Nederland wonen benaderen om

   cultuurgericht toeristisch kapitaal al in Nederland te verzamelen?

 

 

 

 

 

9a)       Wie of wat geeft hen de belangrijkste cultuurgerichte kennis en kunde die nodig is voor het maken van beslissingen om de vakantiebestemming te kiezen en authenticiteit op vakantie optimaal te kunnen beleven?

 

 

 

 

 

 

10) In hoeverre benadert U - ook gezien uw werk - buitenlanders die in Nederland wonen om Uw cultuurgericht toeristisch  kapitaal al in Nederland te accumuleren?

 

 

 

 

 

 

10a)     Wie of wat geeft U de belangrijkste cultuurgerichte kennis en kunde die U nodig heeft voor het maken van beslissingen om de vakantiebestem­mingen te kiezen en aktiviteiten samen te stellen die kunnen leiden tot het optimaal beleven van authenticiteit op vakantie door vakantiegangers?

 

 

 

 

 

 

 

11) Is de vraag naar cultuurgericht toeristisch kapitaal een bewust waargenomen conditie of voorwaarde - door oriëntatie op de Nederlandse samenleving - voor de (her-)ontwikkeling van cultuurelementen door buitenlanders?

 

a)   Bieden buitenlanders die in Nederland wonen hun (her-)ontwikkelde cultuurelementen aan in de

      vorm van bepaalde demonstraties of werkzaamheden, die passen bij de activiteiten van uw

      organisatie?

      Voorbeelden?...

 

 

 

 

 

 

 

 

 

                                                                                   4.


 

b)   Benadert Uw organisatie buitenlanders die in Nederland wonen om hun folkloristische uitingen als

       dans en muziek te demonstreren, omdat ze passen bij de activiteiten van uw organisatie?

       Voorbeelden?...

 

 

 

 

 

 

 

c)   Werkt bij Uw organisatie personeel met wortels in het buitenland die in zekere zin gebruik maken

       van hun toeristisch kapitaal?

 

 

 

 

                                                                                   5.


 

BIJLAGE:

 

Vraag 1: De doelstelling van Festival Mundial is het publiek laten kennis nemen, beleven, waarderen en respecteren van andere culturen in relatie tot onze eigen toenemende multiculturele samenleving, alsmede het verlenen van de steun voor internationale samenwerking.

 

Vraag 2: Wederzijds begrip ontstaat onder bepaalde omstandigheden, waarbij:

* vertrouwelijk contact mogelijk is;

* statusverschillen gering zijn;

* gemeenschappelijke belangen bestaan, die tegenstellingen  overstijgen;

* institutionele ondersteuning plaatsvindt.

Bron: H.B. Entzinger, P.J.J. Stijnen, Etnische minderheden in Nederland, Boom/Open universiteit, 1990.

De omstandigheid van institutionele ondersteuning worden in principe aangeleverd door de studie te concentreren op de organisatie en uitvoering van Festival Mundial.

 

Vraag 3: De ambitie is door organisaties - die zich inzetten voor verantwoordelijk toerisme - en 'verantwoorde' reisorganisatoren te verenigen bezoekers de mogelijkheid te beiden antwoorden te krijgen op vragen over verantwoord reizen, over andere culturen (met name 'de derde wereld') en het dagelijks leven in die culturen.

 

De doelstelling is in eerste instantie niet het verkopen van reizen, maar het geven van antwoord op vragen over andere culturen.

 

Vraag 5: Van Eijken 1991:

*De eerste reden van bestaan is dat de touroperator de bezettingsgraden van de diverse hoofdcomponenten verhoogt en dat daardoor de promotionele kosten van de leveranciers van vervoer, verblijf en aanvullende diensten aanzienlijk verlaagd worden.

*De tweede reden is dat de touroperator een omzetverhogende invloed heeft op de exploitatie van de reisbureaus.

*Als derde reden kan men stellen dat de touroperator vakantiereizen bereikbaar maakt voor een groot deel van de bevolking. Dit door de consument de onderstaande diensten te bieden:

1. beknopte informatie over de bestemming in zijn brochure;

2. een eenvoudige centrale boekingswijze (alles in één)

3. een gunstige invloed van de pakketreis op de reissommen

*Reden nummer vier is dat hoewel er ook veel negatieve effecten aan te geven zijn de touroperator bijdraagt aan de ontwikkeling van de vakantiebestemmingen.

 

Vraag 7 antwoord: cultuurgericht toeristisch kapitaal geaccumuleerd wordt (= conditie) m.b.t. het optimaal beleven van 'authenticiteit' op vakantie. Hierbij wordt reeds opgedane kennis en kunde aangevuld.

 

Vraag 8 antwoord: men zich  bewust kan oriënteren (= conditie) in de ontvangende samenleving (Wat

kan?, Waar is belangstelling voor?) m.b.t. het folkloriseren van cultuurelementen. Hierbij wordt een

beroep gedaan op de culturele bagage die meegenomen is en wordt uit het land van herkomst.

 

Deel 3: De probleemstelling van dit onderzoek (bij aanvang onderzoek in 1997, zie paragraaf 1.3.2.3):

Is de ontwikkeling van toeristisch kapitaal op het gebied van 'authentieke' culturen door Nederlandse toeristen een conditie voor de (her-)­ontwikkeling van cultuurelementen door buitenlanders die in Nederland wonen?

 

 

                                                                                      6.